Het Verband 2014-3 | Página 25

3DE KWARTAAL | 2014 NIEUWS UIT DE WERKGROEPEN dan de helft van de thuisverpleegkundigen dat samenwerken voor problemen zorgt (Figuur 3: Samenwerken helpt/zorgt voor (Bron Federatie Vrije Beroepen, Een zorgzame start, aug. 2014)). Figuur 1: Leeftijdsverdeling (bron Federatie Vrije Beroepen, Een zorgzame start; aug. 2014) Ook hier stellen we vast dat het jonge volk zich blijkbaar niet aangetrokken voelt om zelfstandige thuisverpleegkundige te zijn. 22% van de zelfstandige verpleegkundige werkt als solist, hetgeen beduidend minder is dan bij de andere ondervraagde beroepsgroepen. Dit omdat thuisverpleging, meer dan de andere beroepen, een job is van 24/24 en 7/7. De hoofdredenen om toch solist te blijven zijn: men hecht veel belang aan zijn onafhankelijkheid, men wil de vertrouwenspersoon zijn voor de patiënt en omdat samenwerken teveel problemen geeft. 40% geeft echter wel te kennen zich in de toekomst te willen associëren. Figuur 3: Samenwerken helpt/zorgt voor (Bron Federatie Vrije Beroepen, Een zorgzame start, aug. 2014) De drie belangrijkste valkuilen na de opstart voor zelfstandige verpleegkundigen zijn: • Praktische zaken (administratie, ICT, taakverdeling,…) (53,1%) • Privé-werkbalans (53,1%) • Patiëntenbeheer (patiëntenverdeling, patiënten vinden, …) (50%) Terwijl de drie belangrijkste knelpunten voor hen zijn: • Praktische zaken (administratie, ICT, wettelijk kader,..) (87,5%) • Ondersteuning en begeleiding krijgen bij de opstart (65,6%) • Patiënten vinden (46,9% Zelfstandige verpleegkundigen zouden kiezen om multidisciplinair samen te werken in een zelfstandige praktijk indien er meer duidelijkheid zou heersen over de manier van samenwerken (45,50%), er meer aandacht hiervoor zou gegeven worden tijdens de opleiding (33,30%) , er een financiering tegenover zou staan (30,30%) en indien men ervoor praktische ondersteuning zou krijgen (27,30%). Figuur 2: Reden van solopraktijk (Bron: Federatie Vrije Beroepen, Een zorgzame start, aug