Het Verband 2014-3 | Page 24

24 NIEUWS UIT DE WERKGROEPEN 3DE KWARTAAL | 2014 HOE ZELFSTANDIGEN BETER ONDERSTEUNEN? EEN ONDERZOEK VAN DE FEDERATIE VAN VRIJE BEROEPEN, UNIZO Inleiding Ons land telt vandaag 94.158 zelfstandige zorgverstrekkers (zoals artsen, tandartsen, verpleegkundigen, psychologen, dierenartsen,…). Dat is bijna 10% van alle zelfstandigen in ons land. Van de vrije beroepen maken zij een derde uit. De groep stijgt ook. Dat zie je aan het aantal starters: • 7268 starters in 2013, ofwel maar liefst een kwart meer dan in 2008 (en 1,6% meer dan in 2012) • Voor elke stopper (zo waren er 2.621 stoppers in 2013) staan 3 starters klaar Deze cijfers duiden dan ook het belang aan van de zelfstandige zorgverstrekkers. Met de steun van de Vlaamse Overheid lanceerde de Federatie Vrije Beroepen het project ‘Een Zorgzame Start’. Hiermee ondersteunt de Federatie recent gestarte zelfstandige zorgverstrekkers met aangepaste begeleidingen en opleidingen. De Federatie ontwikkelt ook handboeken en e-books. Het project is het resultaat van een samenwerking tussen de Federatie Vrije Beroepen en de Vlaamse Overheid en wordt gesteund door de representatieve beroepsorganisaties van de zelfstandige zorgverstrekkers in Vlaanderen (Axxon, VAN en APB, NVKVV en VBZV, BFP en Psychologencommissie, VAS, VVT). Het traject kadert in Flanders’ Care en de startersinitiatieven van het Agentschap Ondernemen van de Vlaamse overheid. Zowel de overheid als de groep van zelfstandige zorgverstrekkers zijn bekommerd om de voldoende hoge kwantitatieve en kwalitatieve instroom van deze laatsten. Bij een ongewijzigd beleid naar deze beroepsgroep toe, vreest men een ontoereikend zorgaanbod. Daarom is het noodzakelijk om het probleem grondig te analyseren en om naar afdoende oplossingen te zoeken. VBZV, lid van Federatie van Vrije Beroepen, ondersteunde het onderzoeksproject om na te gaan hoe de aantrekkingskracht van het gezondheidszorgberoep in zelfstandig statuut, in casu thuisverpleegkundigen in een zelfstandig statuut, kan verhoogd worden. Hierna een overzicht van het onderzoek. Algemene bevindingen In totaal vulden 785 zorgverstrekkers de enquête in. Het doel van dit project om de zorgsector aantrekkelijker te maken; om de startersproblemen aan te kaarten en aan te pakken blijkt meer dan aangewezen: dit eerste resultaat is overduidelijk: meer dan 7 op 10 van de zelfstandige zorgverstrekkers beschouwt zich niet als “klaar om te starten als zelfstandige”. Verder vertelt men bij de opstart dat: 1. 1 op 2 te weinig kennis te heeft van ondernemerschap/bedrijfsbeheer 2. bijna 60% zegt nood te hebben aan meer ondersteuning en begeleiding 3. 4 op 10 heeft onvoldoende kennis van financiële zaken Wanneer ze eenmaal opgestart zijn, blijken volgende zaken nog problematisch: • Ruim 6 op 10 blijft moeilijkheden hebben met het ondernemerschap op zich (het runnen van de praktijk) • De werk-privébalans blijkt voor bijna 6 op 10 een probleem Specifiek jonge zelfstandige zorgverstrekkers geven in de enquête aan dat ze in hun basisopleiding meer uitleg willen over: • ondernemerschap: 77,6% • sociaal statuut: 50,2% • oprichten van praktijk: 49,4% • praktische zaken omtrent RIZIV-statuut: 43,5% Het valt ook op in tijden waar men meer en meer pleit voor samenwerking dat meer dan de helft (55%) van de zelfstandige zorgverstrekkers als solist werkt en het merendeel van deze solisten niet geneigd is om zich te associëren. Toch wordt er opgemerkt dat de jongere generatie meer geneigd is om zich te associëren. De top 3 van de opleidingen die de zelfstandige zorgverstrekkers zouden willen volgen zijn: • trends/evoluties in het beroep • Hoe houd ik privé/werk gescheiden • Hoe interpreteer ik mijn boekhoudkundige cijfers Ook het leren gebruiken van sociale media scoort hoog. De zelfstandige verpleegkundigen De grootste groep van de ondervraagde zelfstandige verpleegkundigen zijn tussen de 46 en 55 jaar, hetgeen wat overeenkomt met de leeftijd van de respondenten in eerdere VBZV-enquêtes. Meer dan 80% van de respondenten is ouder dan 36 jaar.