64 DE DOOD VAN EEN ROODBORSTJE.
zorgen van het gevleugelde paar voor hun broedsel; hoe zij ijverden in het aandragen van kleine insekten voor de onge-duldige gasten van het nestje, wier geschreeuw telkens weder een hapje vorderde.
Toen de veertjes der jonge bevolking waren uitgekomen, be-wonderde ik hoe de ouders het aanlegden om haar het gebruik der vleugels te leeren; hoe zij ze toeriepen en als het ware moed inspraken, om van den eenen tak op den andere te ko- men; hoe zij zorg droegen de afstanden telkens wat grooter te nemen en de kleinen tot zich lokten met een buitengewoon lekker hapje; hoe zij ze eindelijk met zich voerden verre van hun geboorteplek, den wilg, tot hiertoe de eenige schouwplaats van hun leertijd.
Sedert zag ik telkens, bij het aanbreken van den dag, het huisgezin te voorschijn komen uit den digten bladerenkrans die de kleine woning omgaf, zich verheffende van tak tot tak naar den top des wilgs, om van daar zijne vlugt te nemen naar de naburige velden. Soms gebeurde het dat de zwakste of de meest vermoeide vogel eenige oogenblikken terugkeerde naar het nest, dan weder vertrok om de zijnen op te zoeken, die allen te zamen des avonds wederkwamen onder het lover van den wilg, om er te slapen, eenigen in het nest, de overigen daar omheen.
De herfst was daar: de bladeren van mijnen wilg, getroffen door de eerste nachtvorst, begonnen te dorren, vielen toen dwarrelend omlaag en het nestje kwam eenzaam te voorschijn tusschen de kale takken van den ontkroonden boom; elk der bewoners toch had zich nu eene andere schuilplaats gezocht, meer beschut tegen de strenge koude en den blik der menschen. Een enkele slechts ging voort met elken avond schichtig bin- nen te sluipen in zijne bakermat, als kon hij niet besluiten die te verlaten. Ik zag hem dan zich neervleijen op de hem dierbare plaats; het aardige kopje bleef nog eenige oogenblikken zigt- baar boven den rand van het nest, zich afteekenend nu eens op het blaauw des hemels dan weder op de sombere tinten eener wolk, tot het eindelijk, door den slaap bevangen, langzamerhand lager dook en verdween onder zijn vleugel.