DE TWEE WITTE ROZEN. 39
“O, KATHARINA, gij alleen kunt mij thans woorden van hoop brengen: Ik zal moed houden . . . . altoos!”
Op dit oogenblik kwam de Gouverneur lady GORDON waar-schuwen dat het tijd was zich te verwijderen. Zij reikte PER- KINS hare hand, hij drukte die aan zijne lippen en zag wel in hare oogen dat zij hem vergiffenis geschonken had.
“Houd moed,” zeide zij onder het heengaan. En ja, er was moed noodig om zoo in den bloei der jeugd opgesloten te blij-ven; PERKINS behield dien eenigen tijd; maar toen men niet van bevrijding sprak en KATHARINA niet terugkeerde, verveelde het hem te vergeefs te wachten en er eens in geslaagd zijnde met den jongen Graaf WARWICK, zoon van den ongelukkigen CLRAENCE en zijn buurman in de gevangenis, te spreken, vorm-den zij een plan tot ontsnapping; ’t welk evenwel ontdekt werd. Zij werden beiden als schuldig aan majesteitschennis veroordeeld; WARWICK werd onthoofd en PERKINS opgehangen. Op den dag der strafoefening toen de beul het noodlottige koord losliet, werd er aan den voet der galg een dof gekerm gehoord en viel daar een grijsaard, schier onkenbaar door ouderdom en ver-driet, bewegingloos neder; het was de oude PERKINS die nadat hij zijn zoon stil en van verre gevolgd was, met hem kwam sterven. Dit gebeurde in het jaar 1499.
Lady KATHARINA was naar Huntley-Hall teruggekeerd. Eens zag zij HALI-BEN weder; maar de schrik en afkeer welke hij haar inboezemde niet kunnende bedwingen, verbood zij hem voortaan op hare goederen te verschijnen. De geheimzinnige profeet dankte als alle geestenbezweerders van verledene, tegen-woordige en toekomende eeuwen, zijne gewaande kennis aan groote schranderheid en list. Toen hij aan lady KATHARINA verscheen was hij door lord STANLEY gezonden, die de verbind-tenis met lord HUNTLEY voor zich zelven wenschende met spijt zag, dat zijn beschermeling PERKINS zijne plannen verijdelde. Nadat hij bij JAKOBUS IV en bij den Graaf afgewezen was, be-proefde hij den opregten eenvoud van het meisje te verschik-ken. De geestenbezweerder had derhalve bij toeval waarheid gesproken.