De Gracieuse 1863 | Page 262

254 BETLEY-HALL.

waardige belooning wil schenken, die ik haar weet aan te bieden voor wat zij eenmaal zoo grootmoedig voor mijnen vader deed.”

Nog altijd zweeg sir ROBERT LANE, in heftigen tweestrijd met zichzelven; JANE en CLEMENT waren in de grootste span-ning voor hem getreden.

“Het valt u zwaar, dat woord uit te spreken,” zei de koning, “daarom, sta mij voor een paar minuten uwe vaderregten af. Komt, mijne kinderen,” vervolgde hij toen, terwijl hij JANES hand in die van CLEMENT plaatste. “Ik, thans uw vader, en voor altijd uw toegenegen koning, verloof u in de tegenwoor-digheid van God en van allen hier tegenwoordig. Op den dag van zijn huwelijk met miss LANE legt sir CLEMENT FISHER zijnen naam af en noemt zich voortaan CLEMENT LANE, lord van Betley-Hall. Vergeten zij de naam, dien hij droeg toen hij opstond tegen zijnen koning; de naam van LANE leve en bloeije voort als een gedenkteeken van edele zelfopoffering en genegen-heid. En nu, sir ROBERT, zegen uwe kinderen.”

Diep getroffen lei de oude baronet de handen op de hoofden van het voor hem knielende paar en omhelsde toen zijne dochter en den wedergevonden zoon, die vol geestdrift uitriep: “Lang leve koning KAREL, onze genadige koning!” “Lang leve de ko-ning,” stemden allen in ten koor.

Na weinige weken omsloten de muren van Betley-Hall een gelukkig paar. Het geluk zijner kinderen wiep een helderen glans over de laatste dagen van den grijzen sir ROBERT en kalm was zijn ontslapen bij de zoete overtuiging dat zijne doch-ter onder de bescherming bleef van hem wien haar hart be-hoorde met onwankelbare trouw.

(Naar het Hoogduitsch.)

De tong gelijkt dikwerf eene pomp, die het hart ledigt zon- der het te zuiveren of weder te vullen.

QUESNEL.