De Gracieuse 1863 | Page 260

252 BETLEY-HALL.

soon des konings en nu ruw en geheel naar willekeur over En-geland heerschte, toen bekende CLEMENT FISHER het zichzelven dat hij niet geholen had aan het daarstellen der vrijheid maar alleen aan eene verwisseling van dwingelandij; hij verzocht en bekwam zijn ontslag en leefde voortaan eenzaam op zijn erfgoed Packinton-Hall. Dikwijls reeds hij naar Betley-Hall en dwaalde er tusschen de muren waar zijn levensgeluk verwelkt was en begraven. Sir ROBERT LANE had onmiddelijk na de teregtstel-ling des konings met zijne dochter Engeland verlaten, en leefde op het vasteland meesttijds in de nabijheid van koningin HEN-RIETTE en hare kinderen. De baron omgaf zijne dochter met nog hartelijker liefde dan vroeger, vervulde elken harer wen-schen en bleef slechts op een punt onverbiddelijk. CLEMENTS naam mogt in zijne tegenwoordigheid nooit genoemd worden, hij had den jongeling uit zijn hart verstooten en eischte het- zelfde van zijne dochter – hij eischt het onmogelijke.

Elf jaren waren voorbijgegaan sedert den dood van koning KAREL I; CROMWELL, Engelands protector, was ten grave ge-daald; zijn zoon en opvolger RICHARD, zoo weinig het evenbeeld des vaders, had de hem te zware teugels van ’t bestuur neder-gelegd, en met MONK den voorslag gemaakt en doorgedreven, om den oudsten zoon des vermoorden konings terug te brengen op Engelands troon. Onder hen die dit plan ondersteunden was een der levendigste en warmste voorstanders CLEMENT FISHER, die sedert den dood van CROMWELL weder deel nam aan de openbare aangelegenheden. Hij vergezelfde MONK toen deze zich naar Frankrijk begaf, om koning KAREL II naar Engeland te halen en spoedig won hij de gunst des nieuwen konings.

Ook sir ROBERT LANE en zijne dochter keerden met de ko-ninklijke familie naar Engeland terug. De baronet was nu een oud man met zilveren kruin, JANE had de grenzen der jeugd sints lang overschreden. Toch was zij nog schoon voor CLEMENT, die haar een enkelen keer van verre zag, schooner nog dan alle andere vrouwen. Bij beproefde toenaderingen tot de bewo-ners van Betley-Hall; maar de oude baronet weerde ze met de grootste hardnekkigheid en zoo leefden beide geliefden in elkaars nabijheid en toch gescheiden door eene breede kloof.