De Gracieuse 1863 | Page 259

BETLEY-HALL. 251

vader, die hare terugkomst verbeid had onder eene mengeling van hoop en vrees; KAREL I bleef nog eenige dagen te Norton-Hall en vervolgde toen den beraamden weg in zoo goede vermomming en langs zulke omwegen, dat hij ongedeerd Duncaster bereikte, in spijt van de verdubbelde waakzaamheid zijner vervolgers.

De tegenwoordigheid des konings deed nog eenmaal de vurigste geestdrigt herleven, van alle kanten stroomden zijne aanhangers toe, nog eenmaal scheen de gelukster van KAREL I te zullen glanzen – helaas! het was slechts eene korte flikkering vóór haar versterven! Spoedig volgde weder de eene nederlaag de andere, zoodat de koning eindleijk zich in vertwijfeling toever-trouwde aan zijne landslieden, de Schotten, die hem uitlever-den aan het parlement.

Doch wij laten den sluijer vallen over de toen volgende treurige zaken. Het is onze taak niet hier eene geschiedenis te leveren van dat groote drama der engelsche omwenteling, waar van het eerste bedrijf gesloten werd voor Whitehall, waar het hoofd van den ongelukkigen koning in het jaar 1649, viel onder de bijl des scherpregters. Wij hebben alleen getracht eene epi-sode uit dien tijd te schetsen en keeren dus terug tot de daarin handelende persoenen.

Het verblijf des konings te Betley-Hall was in het leger der parlementsgezinden niet onbekend gebleven, hoewel men van sir ROBERT LANE noch van zijne dochter rekenschap eischen kon van zijne vlugt. Daarentegen kon het niet wel anders of CLE-MENT FISHER, wiens betrekking tot de LANE’S algemeen bekend was, werd door zijne chefs met wantrouwende blikken aange-zien, en noch zijne herhaalde proeven van schitterenden moed, noch zijne veelzijdige kundigheden konden den van aard ergden-kenden CROMWELL overhalen om hem ooit eene gewigtige post toe te vertrouwen. Toch bleef CLEMENT een warm aanhanger van de zaak, waaraan hij zich had gewijd, het was hem niet om vertooning te doen, maar om het verwerven dier vrijheid, waarvoor hij meer dan zijn leven, waarvoor hij al zijn aardsch geluk had veil gehad. Eerst toen CROMWELL, steeds toenemend in magt, met zijne ware bedoelingen voor den dag kwam, toen hij het zelfs waagde de hand te slaan aan den geheiligden per-