226 CONSTANCE CHORLEY.
vroeg gegeten hadden en de VALLON’s wat later, vonden de eersten de laatsten nog aan tafel. Die maaltijd, hoe eenvoudig ook, ontlokte aan HUMPHREY de allerstekeligste aanmerking: “Men behoeft niet te vragen of het waar is dat hier de ver- loren zoon is thuis gekomen, want het gemeste kalf staat op tafel.”
VALLON was wijs genoeg om op deze vinnige woorden niets te zeggen en zich te houden alsof hij niets merkte. KRIS beet zich op de lippen, maar sprak mede geen woord boven de wel-komstgroete, die van de zijde der bezoekers een weinig stijf was.
Al spoedig bragt VALLON zelf het gesprek op de omstandig-heden, onder welke KRIS was teruggekomen.
“Het gerucht is hem al vooruitgeloopen – als een berooide bedelaar,” merkte HUMPHREY aan, terwijl hij zijne halsboordjes overeind haalde.
“Helaas, ja!” zuchtte KRIS, “maar het is mijne schuld niet. Ik heb gedaan wat ik kon, maar tegen het ongeluk vermag niemand iets. Gij zult mij diep beklagen, oom HUMPHREY, als ik u eens eenige bijzonderheden verhaal, hoe het mij is tegen-geloopen, het een voor, het ander na. Waar ik meende geld te verdienen werd ik doodarm, en toch kan ik mij niet verwij-ten geen hand uit de mouw te hebben gespeeld.”
“’t Verwondert mij volstrekt niet, jonge heer, ik heb het genoeg gezegd en genoeg afgeraden; maar men moest en men zou naar de hoogte; het wagenmakers-ambacht was te eenvoudig; er stak te veel in den jongen heer; ik heb het voorspeld; ik heb het vooruit gezien, zoo klaar als de zon aan den hemel staat. Maar oom HUMPHREY heette een dwaas, terwijl men zelf dwaas was. Ik wist wel waar het op uit zou draaijen, en ik herhaal wat ik toen aan mijn huis gezegd heb: “JAKOB VALLON, gij zijt een gek, en het eindje zal de last dragen.”
De strafpredikatie, waarvan wij slechts den hoofd-inhoud, of liever het telkens terugkomende refrein hebben medegedeeld, had HUMPHREY STANDISH darmate vermoeid, dat hij den zak-doek uithaalde, zich met veel plegtstatigheid het gelaat afveegde en vervolgens zegepralend rondkeek, als wilde hij vragen: “heeft iemand hier iets tegen in te leggen?”