De Gracieuse 1862 | Page 345

Bruin fluweel, Bohemer kralen, opaal wit, zilver galvanische, lange zilver galvanische van 1¼ duim en een stuk bordpapier van 26 duim in doorsnede.

De grond van het kleedje van donker fluweel zijnde, doet den kralen rand zeer goed daarbij uitkomen. Wij geven hierbij

eene afbeelding van een blad, waarvan er 5 in den rand naast elkander liggen.

De kralen, welke zich op de afbeelding van de bladeren en den binnenste rand donker voordoen, zijn van gegalvani-seerde zilveren kralen, en die licht van kleur zijn, met opaal witte kralen ge-regen. Voor dit kleedje zijn 20 van deze bladeren noodig, de bewerking der bladeren te beschrijven achten wij over-bodig, daar wij in ons vorige nommer de beschrijving gegeven hebben van het kralen-mosaïk en de afbeelding zeer duidelijk is, om er naar te kunnen werken.

Men snijdt in de eerste plaats het vereischte fatsoen van het bordpapier daar dit van onderen tegen het kleedje moet gelegd worden, ofschoon men het papier zoodanig afrondt, dat er 4 tegen-over elkander liggende bogen en diepten komen. Daar, waar het papier het meest ingesneden is, moet 23 duim in door-snede zijn.

Men naait op het papier het fluweel, dat 20 duim in het vierkant moet we-zen, doch waar de hoeken van worden afgerond. Om dezen fluweelen grond schikt men de kralenbladeren zoodanig dat de punten ongeveer 2 duim over het papier heen steken, 5 van deze

HANDWERKEN EN MODES.

LAMPENKLEED.

(Kralenwerk). (Plaat XVIII).