De Gracieuse 1862 | Page 290

onder den reek spiegelparels weder aan, tusschen de eerste en tweede parel; dan rijgt men weder 3 glaskralen, 4 gouden kralen en 3 glaskralen aan; maakt weder zulke kleine slingers als men van boven heeft gewerkt, zóó dat ze bogen vormen.

Men begint tusschen de eerste en tweede parel, werkt dan naar beneden totdat men tusschen de tweede en derde parel is, dan weder naar boven, tusschen de derde en vierde parel en zoo vervolgens, totdat men 5 slingers of bogen in de rondte heeft. (Iedere slinger die van boven naar beneden en van beneden naar boven gaat heeft 4 of 5 kleine slingertjes van 10 kralen gelijk wij beschreven hebben).

Dan werkt men weder in elke holte van den boog een parel met een rondje van glaskralen er om heen. vergelijk de afbeelding.

Dit alles verrigt zijnde begint men de afhangende kralenrand er om te werken.

1ste toer. Men hecht de draad van onderen aan het gehaakte, in het mid-den onder de spiegelparel welke zich in den naar bovengaanden boog bevindt. Dan rijgt men 1 spiegelparel, 4 glas-kralen, 1 spiegelparel, 4 glaskralen en 1 spiegelparel aan, hecht die 5 steken verder weder vast, steek terug door de laatst geregen spiegelparel en rijgt dan * 4 glaskralen, 1 spiegelparel, 4 glaskralen en 1 spiegelparel aan, hecht weder 5 steken verder de draad en steekt weder door de laatst geregen spiegel-parel terug * dit herhaalt men van het * tot het * nog 18 maal; doch bij de 18de maal komt de laatste spiegel-parel niet, daar men die reeds aan het

begin van den toer heeft gewerkt; men steekt de draad door die parel heen, en daarmede is de eerste toer af. Nu heeft men 20 spiegelparels in de rondte.

2de toer. Men steekt nu de draad door de eerst geregen spiegelparel, 4 glaskralen en tweede spiegelparel van den eersten toer heen, rijgt dan 4 glaskralen, 1 spiegelparel en 4 glaskralen aan, steekt de draad door de vierde spiegelparel van den eersten toer heen, rijgt dan weder 4 glaskralen, 1 spiegelparel en 4 glaskralen aan en steekt hem door de zesde spiegelparel van den eersten toer, bevestigt de draad en steekt hem weder door die zelfde parel, de vier laatst geregen glaskralen en de spiegelparel der tweede toer heen; rijg weder 4 glas-kralen, 1 spiegelparel en 4 glaskralen aan en steekt hem door de eerste spie-gelparel van den tweeden toer heen. Men bevestigt de draad en knipt hem af. Nu heeft men een punt geregen. Dit herhaalt men nog vier maal zoodat men dan vijf punten in de rondte heeft gewerkt.

Voor de tweede punt hecht men de draad aan de 9de, voor de derde punt aan de 17de, voor de vierde punt aan de 25ste, en voor de vijfde punt aan de 33ste spiegelparel aan. Wanneer men nu die vijf punten af heeft, werkt men den laatsten toer.

3de toer. Men bevestigt de draad weder aan de eerste spiegelparel der eerste toer, steekt hem weder door die parel en de 4 eerst geregen glas-kralen door, rijgt 6 glaskralen, 4 gou-den kralen en 6 glaskralen aan, steekt hem door de eerste glaskraal die gere-gen is na de laatste spiegelparel van den eersten toer heen (men steekt in deze

2 HANDWERKEN EN MODES.