DE MAAND MAART.
“Het zijn allen geen koks, die lange messen dragen,” zegt het spreekwoord, om aan te duiden dat niet ieder datgene is waarvoor hij op grond van naam of titel of uitwendige kenteekenen gehouden wordt. Een lang vleeschmes is het ken-merk van een kok, maar als men iemand zulk een wapen in de hand ziet zwaaien, kan men daarom nog niet vast op zijne keukenbekwaamheid rekenen. Zijn ze allen bekwame regtsgeleerden, die onder hun naam aan hunne deurpost het woord “Advokaat” laten schilderen? Of om het u, jeugdige vriendinnen, nog duidelij- ker te maken: zijn het alle ervarene naaisters, die de schaar aan een bandje over haar kleedje laten bungelen? “Het zijn allen geen koks, die lange messen dragen.”
In ons klimaat geldt dit spreekwoord ook wel degelijk van de maand Maart. Hoe schoon, hoe liefelijk, hoe uitlokkend, hoe vriendelijk is haar naam: Lente-maand. Die naam is het “lange mes” dat zij draagt; maar is zij daarom de “kok,” die zachte, heerlijke dagen levert, dagen zoo als men ze zich denkt bij het vrolijke woord “Lente,” dagen zoo als de dichters ons die lente schilderen? Zie maar eens naar buiten op eenen echten dag van “Maartsche buijen,” koud en guur vol jagtsneeuw, hagel en regen, als de wind huilt in den schoorsteen! ’t Is nog guurder en boozer en afschrikkender dan in het hartje van den winter, en dat heet “Lente” – ja! in dan Almanak! Eigenlijke lente-dagen zijn in ons land geen regel, maar uitzondering; dagen die men tot eene wandeling of een bezoek eens “waarneemt;” morgen stormt en sneeuwt het misschien weder.
Doch – om terug te komen op den almanak, dien we zoo even noemden. Als men de maand, naar den Romeinschen oorlogsgod Mars genoemd, opslaat, vindt men in de eerste plaats aangeteekend, dat zij 31 dagen heeft, en dat van die dagen 7 door de R. C. kerk zijn bestemd tot het eeren der nagedachtenis van zoogenoemde heilige vrouwen. Aangaande drie van haar weet ik aan onze geëerde lezeressen niets te berigten: COLETA (den 6den), CHRISTINA (den 13den) en CORNELIA (den 31sten).
De 9de Maart heet S. FRANCISCA. Deze FRANCISCA werd te Rome in het jaar 1384 geboren. Van haar elfde jaar af was haar hoogste verlangen, non te wor-den. Dat verlangen bleef haar bij in de jaren, in welke de meeste meisjes gansch andere verlangens koesteren dan haar jeugdig leven in een klooster te slijten. Haar vader begreep ook dat FRANCISCA eigenlijk eene verkeerde levenskeuze deed en huwde haar uit aan eenen rijken edelman, met name LUCAS PONTIANI. Maar als die man gehoopt had eene vrouw te krijgen, met welke hij in gezelschappen over-eenkomstig zijnen stand kon verschijnen, had hij zich vergist: zij verdeelde hare uren enkel tusschen de kerk en hare bideel. Geen wonder dan ook, dat zij, we-duwe geworden, eene vrouwelijke kloosterorde stichtte; zij trad er zelve in en overleed den 9den Maart 1440. Eerst in 1608 werd zij door paus PAULUS V heilig verklaard.