De Gracieuse 1862 | Página 271

BOOZE TONGEN. 263

kent geene verschooning waar het er op aankomt om zich ten koste van anderen te vermaken. Eene bedrijvige vrouw, die het regte begrip van hare huisselijke pligten heeft, zal zich zelden op hatelijke wijs bemoeijen met hare buren: de vrouwelijke “kwaadspreekster” ontstaat hoofdzakelijk door het gebrek aan bezigheid en zal dus minder worden, hoe meer men er voor zorgt om de meisjes bij hare opvoeding in kundigheden degelijk-heid en steun te geven. De vrouwelijke praatsters zullen gedu- rig minder worden, naarmate in haar meer de smaak wordt aan-gekweekt voor goede lektuur, die hare wereldbeschouwing helder maakt en haar menschen en zaken meer objectief dan subjectief doet beschouwen. Meisjes die goed denken, zullen verstandig en nuttig handelen; en zelfs wanneer zij eenzaam le-ven en slechts een gering deel hebben aan huisselijk lief en leed, zullen zij toch haren tijd beter weten te gebruiken dan tot het bijeenverzamelen van bouwstof voor kwaadwillige praatjes.

De booze tongen, die nog bestaan blijven wanneer zulk eene grondstelling bij de opvoeding der jeugd algemeen is aan-genomen, zijn dit dan (onverschillig of zij man of vrouw heeten) door natuurlijken aanleg en moeten geduld en door verachting onschadelijk gemaakt worden.

Het is eene eigenschap van onedele zielen, te zeggen: “De oogst van onzen buurman is altijd rijker dan de onze, en zijne kudden zijn altijd vetter.” Wij moeten regtvaardig zijn en ons niet zoo zeer bekommeren om het goede dat anderen ten deel valt, dat wij het onze zouden miskennen of verachten.

Wij hebben behoefte aan eene voortdurende waakzaamheid over ons zelven. In de eenzaamheid moeten wij onze gedachten bewaken, in den huisselijken kring onze stemming en in gezel-schap onze woorden.