De Gracieuse 1862 | Page 161

DE KATUIL. 153

aan zijn gezin terug te geven. Den volgenden dag waren vader, moeder en kinderen spoorloos verdwenen. Daar de jongen nog niet in staat waren om te vliegen hadden de ouders een mid- del moeten vinden om ze zelve naar een ander verblijf over te brengen.

Eindelijk zijn de katuilen ook nuttige vogels; zij bewijzen ons goede diensten door hun jagt maken op een groot aantal scha-delijke dieren, als ratten, muizen, mollen en zelfs hagedissen en sprinkhanen. Naar de getuigenis van een waarnemer, brengen zij, als zij jongen hebben, alle twaalf of vijftien minuten eene muis naar het nest (’s morgens en ’s avonds en ook bij heldere nachten.)

Bij het onderzoek van de balletjes die deze vogels na de spijs-vertering uit hunne maag teruggeven, heeft men in elk derzelve van vier tot zeven muizengeraamten gevonden; en het is niet moeijelijk om een schepel vol van die balletjes te verzamelen in den omtrek van hunne schuilplaats.

Het is waar de de katuil ook menige groote slagting aan- rigt onder onze vriendelijke zangvogels; wij vinden daarvan een bewijs in den onverzoenlijken haat dien deze tegen hem koes-teren. Maar is het niet zeer mogelijk dat hij op die wijze perk stelt aan de overgroote vermenigvuldiging van sommige soor-ten? Onze sympathiën en onze antipathiën, zelfs onze redene-ringen zijn lang niet altijd in overeenstemming met het doel van den Schepper, en wij mogen wel naauwkeurig toezien vóór wij de vernielende hand uitstrekken naar eenig deel van het groote raderwerk dat in de natuur alom het evenwigt onder- houdt. Denk de zwaluw weg, en (men heeft dit bij ondervin- ding) onze velden worden verwoest door myriaden van insekten die dreigen ze geheel onbruikbaar te maken. Denk de katuil weg, en de mollen, de muizen, de musschen misschien, zullen onze oogst vernielen.

Het is niet onmogelijk dat de katuil, ware het zijne roeping geweest om bij het volle daglicht werkzaam te zijn, in plaats van bij duisternis en in eenzaamheid, evenzeer beschermd en geëerbiedigd zou zijn als hij thans veracht wordt, en welligt onder ons een heilige vogel zou wezen als eertijds de ibis bij de Egyptenaren.