De Gracieuse 1862 | Page 155

CONSTANCE CHORLEY. 147

elf of twaalf uur zijn moest, en zij hadden nog niets gegeten, daar zij in den vroegen morgen voor niets anders gedachten gehad had, dan voor de kunstgreep die haar in staat moest stellen, om DUKE van zijne school te verwijderen, op het oogen-blik dat hij de speelplaats betrad, en van dien tijd af had zij met opzet bijwegen opgezocht, waar zij hopen kon weinig men-schen te ontmoeten, maar waar zij tevens geen gelegenheid had gevonden om eenig voedsel te koopen. Zij keek naar alle zij- den – nu eens oplettend het uiterlijk gadeslaande van eene vrouw, die zij aan de deur eener schamele woning zag staan - dan weêr den inhoud opnemende voor de enkele vensters die ietwat op een winkel geleken, toen zij twee vrouwen hoorde praten wier stem haar vriendelijk in de ooren klonk. Zij ston- den in een kleinen komenijswinkel en schenen te redeneren over de slechte tijden.

“Ja,” zeide de eene, “het gaat mij aan ’t hart, om de bo-terhammen al dunner en dunner te maken en een halven stui- ver op te slaan op een pond suiker, en een halven stuiver op een pond kaarsen, en een stuiver op een ons thee, als de arme schepsels naauwelijks weten hoe zij van de eene week in de andere leven zullen. De lieve God sta hen bij! zij zien mij som-tijds aan als of het mijn schuld ware en ik het er op toeleidde om hen geheel er onder te helpen. Maar gij weet, buurvrouw, ik kan toch zelve ook geen gebrek lijden; wij moeten voor ons zelven zorgen. Wat zeidet gij, kind?”

Deze vraag was gerigt tot CONSTANCE die nu naderbij kwam en hare vraag herhaalde of zij wat brood en melk kon be- komen.

“Wel zeker. En hoeveel? een stuiver melk en een dubbel- tje brood?”

“Als ’t u blieft,” zeide CONSTANCE van koude rillende.

“Zoudt gij het graag warm willen hebben?”

“Als ’t u blieft,” antwoordde weder het meisje.

“Och, wat ziet ge er beiden koud en verkleumd uit! Kom hier en zet u wat neder bij het vuur.”

En aanstonds plaatste de vriendelijke vrouw twee dampende kommen melk met brood op tafel voor de kinderen, die als