CONSTANCE CHORLEY. 113
hem dat alles, en deed hem weldra verzinken in een rustigen slaap, die hem scheen toe te fluisteren: “Kom, kom, alles wel bezien zijt gij zoo kwaad niet. Er zijn vrij wat slechter men- schen dan gij in de wereld.” En die woorden verbeterde hij voor zichzelven, zooals dat meestal geschiedt, als of zij betee-kenden: “Gij zijt een goede kerel, DANIËL CHORLEY, in uw hart misschien wel een van de besten die er bestaan.” En zoo sliep hij in vrede.
HET TOILET VAN DE BRUID IN NOORWEGEN.
In Noorwegen is het geen gebruik dat de bruid op den mor-gen van den trouwdag haar toilet maakt in het ouderlijke huis, ten minste als hare ouders niet zee digt bij de kerk wonen: het is meestal in de kosterij of in de woning van den predikant, en wel zeer vroeg in den morgen dat de bruid gekleed wordt. Men begint met de vergulden kroon, die haar hoofd zal ver- sieren uit de kerk te halen. Die vergulden kroon dient van geslacht tot geslacht om het voorhoofd te tooijen van alle bruiden, rijk of arm. Het overige der kleeding is ook zonder- ling genoeg: het haar in krullen met linten doorstrengeld los over den rug hangende, soms zelfs in plaats van het eigene haar eene pruik van vlasdraden om blond haar te verbeelden; verder verscheidene snoeren glazen parelen om den hals, ge-borduurde handschoenen, eene zwart zijden japon, en een hals-doek met allerlei versierselen broches, doekspelden enz.
Op den dag voor het huwelijk – veelal een Zaterdag – ziet men eene lange reeks van bloedverwanten en vrienden aanko-men, te paard, te voet of in rijtuigen, en beladen met levens-middelen, veelal boter, kaas en hammen. Somtijds beloopt het getal der gasten wel driehonderd en als het huis der bruid ge- vuld is, betwisten de buren elkander de eer om hen, die er geen onderkomen vinden, te herbergen. Zondag morgen, als het toilet der bruid is afgeloopen, begeeft de bruidegom zich te paard met zijn geheele gevolg naar de kosterij, en daar wordt