Reader's Digest / Het Beste oktober 2013 | Página 142
Antwoorden
1. arbiter – B: scheidsrechter (Lat., lett. ‘iemand die erheen gaat’).
2. goalie – A: doelverdediger, keeper (Eng.).
3. pomeransen – C:
biljartterm. Bij het pomeransen wordt de bal
onder zijn zwaartepunt
gestoten, zodat hij terugrolt. Een pomerans is een
zure sinaasappel, maar
ook het stootknopje van
de biljartkeu (Fr. pomme
d’orange ‘oranjeappel, sinaasappel’).
4. tiebreak – B: beslissende wedstrijd
(Eng., van to break ‘breken’ en tie
‘knoop, band, het vastbinden, gelijkstaan’).
5. gambiet – A: schaakterm. Het is de
opening waarbij een of meer pionnen
worden opgeofferd om een kansrijke
aanval te kunnen opzetten (Du. Gambit).
6. kick-o? – C: aftrap (Eng.).
7. toreador – A: stierenvechter (Sp.
torear ‘stieren bevechten’).
8. regatta – ABC. It. regata.
9. sliding – B: glijdende beenbeweging,
met de benen voorwaarts, om een andere speler de bal te ontnemen. Voetbalterm (Eng., van to slide ‘glijden’).
10. demarreren – A: wegsprinten, bijv.
uit het peloton, tijdens een wielerwedstrijd.
11. velodroom – C: wielerbaan (Fr.
vélodrome).
12. military – A: term uit de paardensport. Een military is een wedstrijd
met een dressuurproef, een terreinrit
en een springconcours (Eng., ‘militair’).
13. pentatlon – C: atletiekwedstrijd
bestaande uit vijf onderdelen: hard-
140
lopen, verspringen, worstelen, discuswerpen en vuistvechten. (Gr.
pentathlon, van pente ‘vijf’ en athlon
‘prijs van de wedstrijd, wedstrijd’).
14. gladiator – B: zwaardvechter (Lat.,
van gladius ‘zwaard’).
15. enduro – A: motorwedstrijd over
moeilijk parcours, prestatierit (Eng.,
van endurance ‘uithoudingsvermogen’).
SCORE ? t/m 9: brons
? 13-15: goud
?
10-12: zilver
BreinKrakers: Antwoorden
(van bladzijde 136)
Platte kubus D
Passen en meten A, C, D, E
Aan tafel!
A (4x5) - 8 = 12
B (6x7)-9 = 33
C (8x9) - 10 = 62
D (10x11) - 11 = 99
Vraagteken 68. In iedere cirkel moet je
het cijfer bovenin aftrekken van het cijfer
rechts. Die uitkomst moet door 4 worden
gedeeld om tot het cijfer links te komen.
Dus: (68 – 24) ÷ 4 = 11.
Onmogelijke driehoek De cirkel bevindt
zich precies in het midden.
readersdigest.nl 10/13