Reader's Digest / Het Beste maart 2014 | Page 93

Psychologie M ijn dochter heeft een eigen hoekje in de woonkamer waar volwassenen niet mogen komen. Zij en ik noemen dat het rattenhol. Als iets kwijt is, een pollepel of mijn wimperkruller, is de kans groot dat je het in het rattenhol terugvindt. Daar zit mijn dochter dan, ingeklemd tussen de bank en de boekenkast, en verzamelt haar illegaal verkregen zaken uit het zicht van haar door orde geobsedeerde moeder. Haar collectie breidt zich als een olievlek naar haar slaapkamer uit, waar ze kleine stapeltjes kiezels, schelpen, takjes en eikels redt. Verweesde objecten vinden een nieuw thuis in Angela’s kamer en krijgen in haar vier jaar oude verbeelding een fantasievolle bestemming in plaats van een alledaags doel. Een handjevol potloden wordt een collectie zwaarden. Een deegkom wordt een bubbelbad voor superheldenfiguurtjes. De kapotte stofzuigerslang wordt een zwarte slang. ‘Waarom wil je dit bewaren?’ vraag ik. ‘Het is een ratelslang,’ zegt Angela. ‘Een mooie ratelslang.’ Met een zucht geef ik de kapotte slang terug en vraag me af hoe het kan dat mijn dochter zoveel op mij lijkt en tegelijkertijd zo anders is dan ik. Toen ik tien jaar oud was, had mijn vader iemand ingehuurd om een veranda aan ons huis te bouwen. Zoals zoveel gezinnen hadden we meer ruimte nodig voor onze spullen. Maar onze spullen waren niet zoals die van andere gezinnen. Aan het eind van de week liet de aannemer een veranda achter die zo groot en leeg als een voetbalveld voelde. Mijn broer en ik renden door onze nieuwe veranda van de ene naar de andere kant. We snoven de geur van het verse hout op en vonden de lege ruimte prachtig. Wat zouden we met deze nieuwe plek doen? We konden er spelen of onze slaapzakken neerleggen voor een nachtje kamperen. We konden er de radslag oefenen of met een bal gooien. Maar binnen een paar maanden kon je je kont er niet meer keren. Er kwam 91