Reader's Digest / Het Beste maart 2014 | Page 124

I Ik kan niet huilen. Nog niet, niet hier. Ik moet me concentreren. Ik moet sterk zijn. Terwijl Kesstan (‘Kess’) Blandin in de wachtkamer buiten de intensive care van het brandwondencentrum zat, op de zevende verdieping van het Brigham and Women’s Hospital in Boston, leunde ze wat naar voren in haar stoel om naar dr. James Watkins te luisteren, de chirurg van haar zus. Het was belangrijk dat ze er geen woord van zou missen. De ervaren chirurg antwoordde zacht: ‘De kans dat ze dit overleeft, is niet erg groot.’ EEN DAG EERDER NOG, op 10 juni 2007, waren Carmen Blandin Tarleton, een verpleegkundige van 39 jaar en moeder van de twee meisjes Liza (14) en Hannah (12), diep in slaap in hun huis in Thetford in Vermont. Rond half drie ’s nachts werden ze wakker door een luide klap, die het stevige witte houten huis op zijn grondvesten deed schudden. Een aardbeving! dacht ze toen ze opstond om te kijken wat er aan de hand was. Slaperig deed ze de slaapkamerdeur open en zag in haar woonkamer een man in het zwart. Doodsbang zei ze tegen hem: ‘Neem mee wat je wilt!’ Maar de fguur had het op háár gemunt. In een fits zag ze dat het haar tweede echtgenoot Herb Rodgers was, van wie ze vervreemd was. Hij sloeg haar hard in het gezicht en gooide haar op de grond. ‘Herb!’ Reader ’s Digest 03 /14 F o t o : M .t.v. C a r M e n ta r l e t o n De traumachirurg met de zachte stem deed zijn best om zijn woorden zorgvuldig te kiezen, maar de werkelijkheid was afschuwelijk. ‘Carmen werd mishandeld en meer dan 80 procent van haar lichaam is verbrand met industriële loog,’ vertelde hij Kess, haar moeder en haar broer die bij haar waren in de wachtkamer van de IC. ‘Zulke ernstige brandwonden zie ik hier zelden.’ Terwijl de verpleegkundigen van het brandwondencentrum van het ziekenhuis voorbijsnelden, praatte Watkins door. Carmen was blind aan beide ogen. De loog had haar oogleden, haar linkeroor en een deel van haar neus weggevreten. Net als de rest van haar gezicht overigens. De familieleden waren sprakeloos. De woorden van dr. Watkins drongen amper tot hen door. Het meeste was te gruwelijk om aan te horen. Opeens stond Kess half op van haar stoel en vroeg: ‘Moet ik afscheid nemen van mijn zus? Wilt u dat zeggen?’ 122