Leven is COMMUNICEREN is Leven De Wetten Voor Goede Communicatie | Seite 136
“ik voel me verkeerd begrepen”, “ik voel me bekritiseerd”, … Want die woorden zeggen helemaal niet hoe je
je voelt.
Ze zeggen hoe je over de andere persoon oordeelt, ze zijn de interpretatie van wat je denkt dat de andere doet.
Gevoelens zijn een deel van de taal van het leven, maar het allerbelangrijkste deel is de taal die uitdrukt
vanwaar die gevoelens komen. Gevoelens zijn het resultaat van behoeftes.
Het is het al dan niet vervuld zijn van onze behoeftes dat gevoelens bij ons opwekt: als onze behoeften vervuld
zijn hebben we aangename gevoelens, als ze niet vervuld zijn hebben we onaangename gevoelens. Dat is de
manier waarop de natuur ons mobiliseert om tot actie over te gaan als onze gevoelens niet vervuld zijn.
Vraag je steeds af welke behoeftes onvervuld blijven als iemand zich op een manier gedraagt die je niet graag
hebt.
Voorbeelden van behoeftes die gevoelens opwekken, zijn:
gerust gesteld zijn, erkend worden, gerespecteerd worden, nodige rust genieten, vrede, liefde, autonomie, …
Voorbeelden van verwisseling tussen behoeftes en gevoelens, zijn:
Liefde is een behoefte.
Verliefdheid, zin om te liefkozen en te knuffelen, sympathie, empathie, opgewonden zijn … zijn
gevoelens
Bij gevoelens kan men zeggen : “Ik ben ….”
Behoeftes zijn universele noden, die op 1001 manieren kunnen vervuld worden.
Een mens, een actie of een voorwerp bv kunnen geen behoefte zijn.
Nadat we onze behoeftes hebben meegedeeld, is het enorm belangrijk om aan de andere persoon mee te
delen, wat we van hem verwachten om aan onze behoefte tegemoet te komen.
Dat is een zeer sterk onderdeel van opvoeding. Het is niet genoeg te zeggen wat we voelen als gevolg van een
concreet gedrag, en welke behoeftes hierdoor niet vervuld worden, we moeten ook een duidelijk verzoek
uitspreken over wat we wel willen en wat we niet willen dat de andere concreet doet, om aan onze behoefte
tegemoet te komen.
Dat vraagt om zeer duidelijke verzoeken. Wij gebruiken hiervoor positieve actietaal.
Een voorbeeld:
Tijdens een voordracht, vertellen de leraars me van hun bezorgdheid over de hoeveelheid vernielde vensters
op school. Ik vroeg de leraren dus, wat ze willen dat de studenten anders doen.
136