zijn arm kreeg en de vele glazen buisjes in een bakje
zag. Hij keek mij verschrikt aan en begon een beetje te
sputteren. Nog voordat ik hem gerust kon stellen, riep
de laborante met schelle stem: “Je moet rustig blijven
zitten hoor, anders moet ik je nog een keer prikken!
Je wil toch niet twee prikjes?! Je bent toch een grote
jongen?!”
Tja, en toen was het hek van de dam. Hij begon te
brullen en te krijsen en zweette alsof hij een halve
marathon had afgelegd.... Zo zielig.
De laborante was vast overtuigd van haar tactiek, maar
het was beter geweest als ze hem op zijn gemak had
gesteld in plaats van hem te bedreigen met twee in
plaats van één prik.
Uiteindelijk zijn we weer op de gang gaan zitten om
af te koelen en hebben we het een half uur later weer
Tips:
Stel je kind gerust. Een ziekenhuis of kliniek is
vaak heel spannend voor een kind.
• Geef de reden aan waarom je kind wordt
opgenomen of waarom het een prikje moet
krijgen of ander laboratorium onderzoek
moet ondergaan. Leg uit dat hij of zij naar het
ziekenhuis moet om beter te worden of dat een
prikje nodig is om te kijken wat er aan de hand is.
• Afhankelijk van de leeftijd kan je vertellen dat er
dingen anders gaan. Bijvoorbeeld: je gaat in een
ander bed slapen, in een andere badkamer baden
en met andere kinderen slapen.
• Wees altijd eerlijk en beantwoord alle vragen.
Afhankelijk van de leeftijd kun je op een speelse
manier uitleggen wat er gaat gebeuren. Leg uit
dat je kind het niet altijd leuk zal vinden in het
ziekenhuis, maar dat je bij hem of haar mag
blijven slapen of vaak komt bezoeken.
Houd rekening met de leeftijd van je kind:
• Kinderen tot ongeveer vijf jaar kun je door
middel van spelletjes vertellen wat er gaat
gebeuren. Met een goedkoop dokterssetje kan
geprobeerd. Ik hield toen zijn hand vast, heb gezegd
dat het even pijn zou doen, maar dat het van korte
Hij begon te brullen en te
krijsen en zweette alsof hij een
halve marathon had afgelegd...
duur was. Het ging niet helemaal vlot, want hij was
bang. Een andere zuster is komen assisteren bij het
vasthouden van zijn arm en ik sprak tot hem, terwijl
hij geprikt werd en lichtte alles toe (kijk, de band
voelt strak om je arm, het prikje voelt als een harde
muskietenbeet en het buisje wordt gevuld met bloed).
Hij wilde kijken, dus ik liet hem maar. Het enige wat ik
kon bedenken was om hem bij te staan in zijn angst.
Het is uiteindelijk gelukt en daarna mocht hij in de
speelgoedwinkel een klein cadeautje uitkiezen, omdat
hij zo flink was geweest. Hij straalde!
je een ziekenhuissituatie naspelen. Ook het
voorlezen van boekje over de dokter helpt.
• Kinderen tot ongeveer vijf jaar hebben veel
behoefte aan zekerheid om zich veilig te kunnen
voelen. Toon begrip als ze soms moeilijk gedrag
vertonen. Geef een knuffel of doekje mee.
• Als je kind wat ouder is, kan je misschien samen
op internet informatie opzoeken. Een tekening
maken of erover schrijven is ook een goede
manier om voor te bereiden.
• Ook pubers hebben veel behoefte aan steun. Praat
met je puberzoon en dochter en leg uit dat je hem
of haar te allen tijde zal steunen.
Bij laboratoriumonderzoek
• Wees altijd eerlijk over hetgeen gaat gebeuren. Zeg
bijvoorbeeld: “Het spuitje zal een beetje pijn doen,
maar het duurt maar even.”
• Maak duidelijk dat je kind altijd mag vertellen wat
het voelt of denkt.
• Breng niet je eigen angst en twijfels over op
je kinderen. Op dat moment moet je hen
ondersteunen.
KidzTori
67