De Gracieuse 1863 | Page 296

ƒ 0,80 . met de strookjes à

ƒ 0,70 . . . . . . . . . . . . . . . . . ƒ 4,30.

24 navelbanden 4½ el servetgoed

à ƒ 0,60 . . . . . . . . . . . . . . . . ” 2,70.

18 dito doekjes 3 el servetgoed

à ƒ 0,60 . . . . . . . . . . . . . . . . ” 1,80.

6 bakerrokken 7½ el gevuld

piqué van ƒ 0,80 . . à ƒ 6,––.

band om te booren . à ” 1,80. ” 6,80.

3 paar wollen kousjes . . . . . . . ” 1,10.

2 ” katoenen kousjes . . . . . . ” 0,50.

3 wollen borstrokjes à ƒ 0,55. ” 1,65.

3 katoenen ” à ƒ 0,70. ” 2,10.

3 ondermutsjes 1ste soort . . . . . ” 0,75.

3 ” 2de ” . . . . ” 1,05.

3 pluimmutsjes 1ste ” . . . . ” 1,20.

3 ” 2de ” . . . . ” 1,50.

6 meisjes nachtmutsjes . . . . . . . ” 0,90.

6 negligésmutsjes . . . . . . . . . . . . ” 1,80.

2 gekleede mutsjes . . . . . . . . . . . . ” 8,––.

6 ponnetjes 11 el gestreept ke-

per à ƒ 0,35 . . . . . . ƒ 3,85.

met de stroken . . . . . . ” 3,––. ” 6,85.

4 negligés, 2 rokken diemet

12 el haarstreep diemet à

ƒ 0,50 . . . . . . . . . . . . . ƒ 6,––.

met de strooken . . . . . ” 3,––. ” 9,––.

4 negligés, 2 rokken neteldoek

12 el neteldoek à ƒ 0,80. . . . ” 9,60.

12 neteldoeksche halsdoekjes 5

el jicht neteldoek à ƒ 0,30. . . . ” 1,50.

2 rokken om onder de lange

jurken te dragen 6 el 7

kwarts kassa ƒ 0,50. . . . . . . . . . ” 3,––.

1 flanel met katoen geboord ¾

flanel à ƒ 0,50, 6 el katoen-

band à ƒ 0,05 . . . . . . . . . . . . . . ” 1,10.

1 flanel met satijn geboord ¾

flanel à ƒ 0,80, 6 el satijn

lint à ƒ 0,15 . . . . . . . . . . . . . . . ” 1,90.

1 geborduurde jurk . . . . . . . . . . ” 25,––.

1 ” ” . . . . . . . . . . ” 15,––.

1 gekleede kaper . . . . . . . . . . . ƒ 4,––.

8 piqué baveletjes . . . . . . . . . . ” 4,60.

Het knip-, naai- en maakloon

van al het bovenstaand . . . ” 35,––.

Wieg, vuur, en kindermand met

toebehooren . . . . . . . . . . . . . 80,––.

II.

Wollen kousje.

Engelsche wol No. 28. Naalden No. 14.

Wij zullen geene beschrijving geven van de minderingen en het zetten van de hiel enz., daar wij veronderstellen dat onze geachte abonés wel eens meer eene kous zullen hebben gebreid; het is ons allen te doen om den vorm en grootte aan te wijzen.

Men zet hiervoor, doch niet te stijf, 64 steken op, breidt eerst één toer regt; daarna 14 toeren 2 averegts en 2 regt, vervolgens 2 toeren averegts, waarmede het boord af is. Dit boord vinden wij voor een klein kousje het verkieslijkst, omdat het zeer rekbaar en sluitend is.

Voor het been breid men 10 naatjes, waarna men de mindering begint.

Dan mindert men 12 maal om de 2 naatjes en breidt dan nog 5 naatjes; dus is de geheele lengte van het been 37 naatjes.

De hiel is 8 naatjes lang.

Aan den voet mindert men 6 maal; de geheele voet is 12 naatjes lang, waarna men den toon om den anderen toer af-mindert.

III.

Katoenen kousje.

Struts breikatoen No. 30; naalden No. 5.

Met dubbele katoen zet men 108 ste-ken op.

28 HANDWERKEN EN MODES.