HANDWERKEN EN MODES. 11
bogen of punten gemaakt heeft. Dan kant men het werk af en naait de twee halve bogen aan elkander, zoodat het nu een geheel is. Vervolgens haalt men een draad katoen door de binnenste toer en trekt die in waardoor de ster gevormd wordt; dan festonneert men haar langs den buitensten kant op de tulle, en knipt deze er onder uit.
Kant.
(Breiwerk.)
De eerste steek van elken naald moet afgehaald worden. Men zet 16 steken op.
1ste toer. 3 regt, omslaan, overhalen, omslaan, minderen, 9 regt.
2de toer. 1 regt, 2 maal omslaan, 3 regt, omslaan, minderen, omslaan, minderen, minderen, omslaan, minde-ren, omslaan, 4 regt.
3de toer. 5 regt, omslaan, overhalen, omslaan, minderen, 7 regt, 1 averegts, 1 regt.
4de toer. 1 regt, 2 maal omslaan, 1 regt, 2 maal omslaan, minderen, 4 regt, minderen, omslaan, minderen, omslaan, 6 regt.
5de toer. 2 regt, omslaan, minderen, omslaan, minderen, 1 regt, omslaan, overhalen, omslaan, minderen, 5 regt, 1 averegts, 2 regt, 1 averegts, 1 regt.
6de toer. 1 regt, 2 maal omslaan, minderen, 2 maal omslaan, minderen, 2 maal omslaan, minderen, 2 regt, minderen, omslaan, minderen, omslaan, 8 regt.
7de toer. 2 regt, minderen, omslaan, minderen, omslaan, 3 regt, omslaan,
overhalen, omslaan, minderen, 3 regt, 1 averegts, 2 regt, 1 averegts, 2 regt, 1 averegts, 1 regt.
8ste toer. Minderen, 2 maal omslaan, afhalen, minderen, de afgehaalde steek over de geminderde halen, 2 maal om-slaan, overhalen en minderen te gelijk, zoo als te voren, 2 maal omslaan, min-deren, 3 regt, omslaan, minderen, om-slaan, minderen, 7 regt.
9de toer. 2 regt, omslaan, minderen, omslaan, minderen, minderen, omslaan, minderen, omslaan, 6 regt, 1 averegts, 2 regt, 1 averegts, 2 regt, 1 averegts, 1 regt.
10de toer. Overhalen en minderen te gelijk, 2 maal omslaan, overhalen en minderen te gelijk, 2 maal omslaan, over-halen en minderen te gelijk, 6 regt, omslaan, overhalen, omslaan, minderen, 5 regt.
11de toer. 4 regt, minderen, omslaan, minderen, omslaan, 9 regt, 1 averegts, 2 regt, 1 averegts, 1 regt.
12de toer. Overhalen en minderen te gelijk, 2 maal omslaan, overhalen en minderen te gelijk, minderen, 2 regt, omslaan, minderen, omslaan, minderen, 1 regt, omslaan, overhalen, omslaan, minderen, 3 regt.
13de toer. 2 regt, minderen, omslaan, minderen, omslaan, 8 regt, minderen, 1 regt, 1 averegts, 1 regt.
14de toer. Overhalen en minderen te gelijk, 3 regt, minderen, omslaan, min-deren, omslaan, 3 regt, omslaan, over-halen, omslaan, minderen, 1 regt.
Men herhaalt telkens van den 1sten toer af, tot men de noodige lengte heeft.