De Gracieuse 1863 | Page 242

234 CACHEMIR.

Dan laat men ossen en buffels in alle rigtingen het doorweekte land doorkruisen om er het zaad dieper in te werken; en daarna wordt die grond op nieuw besproeid. Zoodra de plant begint te groenen gebruikt men nogmaals ossen om haar neder te trappen. Tien dagen later verheft zij zich krachtiger dan te voren, en nu gaan de landbouwers zelven aan het werk om haar te snoeijen en alle overtollige bladeren weg te nemen. Vóór den oogst moet deze bewerking nog twee malen herhaald worden; terwijl men bijna wekelijks het bevochtigen onderhoudt. Tal van beken dalen neder van de bergen en in de dagen van Cachemirs voorspoed had men eene menigte kanalen gegraven in het dal, ten einde het land naar willekeur te kunnen dren- ken. Het meerendeel is nu in onbruik. De rijst, wier aankwee-king die talrijjke zorgen eischt, is eene der wezenlijkste hulp-bronnen voor de inwoners, de vreugd des rijken, het eenige voedsel des armen en somtijds ook zijne schuilplaats. Dat klinkt vreemd; doch ziehier de verklaring. Na den oogst laat men de halmen nog drie of vier dagen in de zon liggen, vervolgens bindt men ze in schoven en van die opeengehoopte schoven maakt het gezin des landbouwers zich een huis met deur en vensters, die des nachts door andere schoven gesloten worden. Daar rusten zij, beschermd tegen regen en koude, trekken uit hunne muren het dagelijksch brood, en doorknagen hunne wo-ning, even als LAFONTAINE’S rat zijne Hollandsche kaas, totdat de wanden doorzigtig worden, het dak ineenzakt op de ver-zwakte steunsels of wel de armoede hen dwingt om de schoven te verkoopen die het fondament van hun gebouw vormden.

De nijverheid, die eenmaal de vallei van Cachemir zoo be-roemd maakte, verkeert thans in treurig kwijnenden toestand. Toch vervaardigt men er nog zijden en katoenen stoffen, wa-penen die vermaard zijn, papier dat door VON HÜGEL het beste van Indië genoemd wordt en zeer fraai lakwerk; ook stookt men er eene in het Oosten zeer gezochte essence uit rozen.

Van al die produkten van nijverheid is het gewigtigste het rijke weefsel, dat Cachemir met zijn eigen naam benoemd heeft. VON HÜGEL heeft de vervaardiging dier stoffen met oplettend-heid gadegeslagen en hij deelt daaromtrent bijzonderheden mede,