HUISHOUDEN EN KEUKEN. 171
treffelijk surrogaat voor de kreeftenboter en kan, met de spijzen vermengd, in kleur noch smaak van deze worden onderscheiden.
Het toebereiden der vrucht geschiedt op de volgende wijs: Men snijdt de rijpe vrucht van den stengel en legt ze, nadat zij behoedzaam met een doek is afgewreven, opdat zij niet barste, in eene drooge bergplaats, waar de eene vrucht de andere niet moet drukken; vervolgens snijdt men ze overlangs in tweëen ontdoet ze van de pitten, plaatst ze in eene alleen voor dit inmaken bestemde stoofpan, voegt er een kopje water bij en laat ze op een zacht vuur langzaam koken, tot alles zich heeft op-gelost. Nu giet men deze massa door eene zuivere haarzeef, en laat dan het doorgeloopen sap onder aanhoudend roeren zoo lang koken tot het de dikte heeft van goed gebonden appelmoes. Zijn de vruchten op zeer vetten grond geteeld, dan schuimt het sap vóór men de zeef nog gebruikt heeft; het is niet noo- dig deze schuim weg te nemen, maar vertoont zij zich nog na het doorgieten dan wordt zij verwijderd. Afgekoeld doet men de massa in bussen of glazen, sluit deze goed en bewaart ze op eene drooge plaats. Bij spijzen wordt zij gebruikt even als de kreeftenboter en lost zich als deze in de warmte al zeer spoedig op.
De thomaten, die gelijktijdig met de pompoen of kallebas in den herfst rijp zijn, moeten niet later dan tegen het einden van April gezaaid worden.
Allerlei zuur (mixed pickles). Men neemt twee fles-schen wijnazijn, twee lood fijn gemalen kurkema, ¼ pond wit mosterdzaad (de helft fijn gestooten, het overige heel gebruikt) 1 lood gemberwortel grof gestooten, en 2½ ons keukenzout; dit laat men te zamen in een keulsche pot acht dagen staan, het dagelijks omroerende. Giet dan op het gereed zijnde treksel eene hoeveelheid beste slaolie zoodat het ter dikte van een vin-ger onderstaat.
In deze gebonden saus nu kan men allerlei jonge groenten tot zuur maken; ze moeten dan vooraf half gaar gekookt wor-den en geheel zijn afgekoeld vóór men ze in het zuur mengt.
Zuurzoete komkommers. Dikker komkommers, die eenig-zins geel beginnen te worden, schilt men, doet het zaad er uit