De Gracieuse 1863 | Page 167

OVER EDELGESTEENTEN. 159

naar opdroeg den steen buiten Parijs te brengen. Deze zending was niet zonder gevaar, want gedurende den burgerkrijg waren de omstreken van Parijs door roovers onveilig. DE HARLAY en zijn bediende waren dus overeengekomen, dat deze laatste, zoo hij in handen van dieven mogt vallen, den diamant zou inslik-ken. De bode keerde niet terug en de Sieur de Sancy toog uit om hem te zoeken: Hoorende dat zijn lijk gevonden en door eenige boeren begraven was, liet hij het openen en vond den edelen steen weder.”

Nadat de Sancy meer dan een eeuw lang in de familie der HARLAY’S gebleven was, werd hij door den regent verkocht en door LODEWJIK XV bij zijn krooning gedragen. Gedurende de onlusten in 1789 verdween hij van onder de kroonjuweelen en men hoorde er niets van, totdat een koopman hem in 1830 te Parijs wederbragt. Deze zaak is echter eenigzins verward, want de diamant van 1830, die gezegd werd van de Sancy te zijn, woog anderhalf karaat minder dan de oorspronkelijke steen. Hij is naar wij gelooven, thans in het bezit van Prins DEMIDOFF.

De Nassuckdiamant maakte een deel uit ven dan buit van Deccan, prijs gemaakt door de verbonden legers onder bevel van den Markies van Hastings. Hij heeft de grootte eener hazel-noot en werd in 1837, op orde der bestuurders van het buit-gemaakte geld, bij opbod verkocht. Men schatte hem op 30,000 pd. doch de juwelier die hem kocht, gaf er slechts 7,200 pd. voor.

De Pigottdiamant is schoon van vorm, geslepen als een bril-lant en 40,000 pd. waard. Veertig jaren geleden, werd hij ver- loot en werd de eigendom van een jong mensch die hem voor eene nietsbeduidende som verkocht. Later kocht de Pacha van Egypte hem voor 30,000 pd.

Men zegt, dat de padischach, onder andere fraaije kroonju-weelen ook een diamant bezit, 147 karaat wegende, doch wij zijn niet in staat hiervan bijzonderheden mede te deelen.

In de schatkamer van Portugal bevinden zich eenige zeer groote ongeslepen diamanten, waarvan de grootste 138 ½ karaat weegt. Deze verzameling is, zoowel wat de innerlijke waarde als wat de verscheidenheid van vorm en kleur aangaat, onge-twijfeld de rijkste van allen, en wordt op 3,000,000 pd. St.