158 OVER EDELGESTEENTEN.
boden werd, is een prachtige steen wat de schoonheid van zijn glans en den graad van water betreft, doch zijn vorm is onre- gelmatig. Wat dezen steen vooral belangrijk maakt, zijn de op-schriften die hij van vorige eigenaars draagt, zij zijn er in ge-graveerd als volgt:
EK-BEK-SHAH,
NIZIM SHAH, Beheerschers van
FETH ALI SHAH, } Iristan.
De geschiedenis van den Saney is moeijelijk na te gaan: het schijnt zeker te zijn dat hij een der drie diamanten van KAREL DEN STOUTE geweest is, ook heeft men hem herhaaldelijk met de andere twee verward, waarvan de eene, zoo als wij gezien hebben, in het bezit van Oostenrijk is, terwijl de derde de pauselijke kroon versiert. Het geloofwaardgiste verhaal is dat van DE BARANTE, die zegt, dat de Saney in 1492 te Lucern voor 5,000 dukaten verkocht en naar Portugal gebragt werd. Toen dit koningrijk in handne der Spanjaarden was gevallen, bezocht DON ANTONIO Engeland en Frankrijk in de hoop van hulp te erlangen ter herwinning zijner kroon. In Engeland zijnde, verpandda hij een zeer kostbaren diamant (den Sancy) aan Koningin ELISABATH, voor vijf duizend pond. Om den las-tigen Portugees kwijt te raken, die de soms niet groot genoeg vond, gaf de Koningin, niet genegen zijnde meer te geven, hem zijn pand terug zonder het geld terug te eischen.
NICOLAS DE HARLAY, Heer van Sancy, die toenmaals Fransche ambassadeur aan het Engelsche hof was, kocht dne diamant van DON ANTONIO te Londen of te Parijs; wat er van zij, hij werd er voor 2,800 pd. de eigenaar van. Naar hem is de diamant genoemd en men verhaalt er dit romannetje bij:
“Toen HENDRIK IV zijn koningrijk op zijne onderdanen ver-overde, bevond hij zich eens in geldelijke ongelegenheid, dat trouwens wel meer het geval was. Om zijn’ monarch te helpen, kwam een der getrouwste aanhangers dese Konings, de Sieur de Sancy, op het denkbeeld zijn’ diamant aan de Joden van Metz te verpanden, tot welk einde hij een vertrouwd die-