De Gracieuse 1863 | Page 159

OVER EDELGESTEENTEN. 151

een zaadje, dat men gebruikte om diamanten te wegen. Dit ge-wigt werd te gelijk met de edelgesteenten in Europa ingevoerd; het werd algemeen aangenomen en wordt nog steeds gebruikt. Vier zaadkorrels maken een karaat, en zes karaat een penning-gewigt. Het karaatzaad dat tot het wegen der diamanten dient, verschilt evenwel van het Troyzaad, waarvan vier korrels tegen vijf van het karaatzaad gaan. Het karaat is wederom verdeeld in vier en zestig deelen, hetgeen vereischt wordt voor zulk een kostbaar artikel als de diamant. Den volgenden regel kan men in praktijk brengen bij het schatten van monsters: Neem van een ruwen diamant, die tot slijpen geschikt bevonden is, een vierde van het gewigt, vermenigvuldig dit getal met twee, en de uitkomst zal de waarde aanduiden in pd. St. Van brillanten moet men het gewigt in vieren deelen, en met acht vermenig-vuldigen. Deze regels zijn echter alleen houdbaar voor steenen die het gewigt van twintig karaat niet te boven gaan, want de waarde van grootere diamanten hangt van mededinging af.

Tegenwoordig is een ruwe diamant, van één karaat zwaarte, 4 pd. 10 s. à 5 pd. 5 s. waard. Gedurende de laatste tien jaren zijn de ruwe edele steenen steeds in waarde gestegen, hoewel hun aantal door de ontdekking van nieuwe mijnen vermeerderd is; doch aan den anderen kant, heeft de vermindering der sla-ven in Brazilië het loon der mijnwerkers verhoogd, en het ge-bruik der diamanten als sieraad wordt zóó algemeen, dat wij mogen aannemen zij steeds in waarde zullen toenemen. De waarde van gesneden steenen is gemakkelijker te bepalen; doch verscheidene zaken moeten met deze in acht genomen worden: In de eerste plaats het snijden, welks groote kunst bestaat in het zwaarder doen schijnen van een’ steen dan hij werkelijk is, en vervolgens den graad van zuiverheid en water. Wij durven veilig verzekeren, dat een goedgesneden diamant, vrij van fou-ten, en een karaat wegende, 12 pd. waard is. Kleinere steenen zijn veel beterkoop; doch zeer kleine wederom duurder, wegens den arbeid die vereischt wordt om ze te snijden.

De waarde van een’ diamant die meer den een karaat weegt, is grooter dan die van vele anderen te zamen. Vijftien diaman-ten, welke ieder afzonderlijk een karaat wegen, zouden 180 pd.