De Gracieuse 1863 | Page 129

OVER EDELGESTEENTEN. 121

Er zijn twaalf voorname wijzen van snijden doch hierin be-hoeven wij niet door te dringen. De meest bekende zijn de brillant, de roos, de tafel en de helm.

Edele steenen hebben, even als andere zaken, verscheidene gebreken; het gebeurt maar zelden dat zij daarvan geheel vrij zijn. Hunne waarde wordt daardoor natuurlijk zeer verminderd, en een zeer gering gebrek is genoeg om een’ steen zijne waarde te benemen. Over het algemeen bestaat het gebrek van bijna alle steenen in kleine bersten binnen in den steen, die den glans verminderen. Hierop volgen doffe plakken, die voor geen slij-pen vatbaar zijn. Deze vindt men vooral in diamanten en andere kristalsoorten. Men vindt ook dikwijls zand en stof, of kleine witte, bruine en bleekroode korreltjes in den steen, terwijl men ten laatste, vooral in diamanten, zwarte stipjes zien kan. Ongelijke kleuren, of de overgang tot eene kleur die niet eigen-aardig aan den steen is, wordt niet als eene fout, doch altijd als een gebrek beschouwd. Als een steen door eene bekwame hand gesneden en geslepen wordt, kan men menige vlek ver-bergen, en daarom moet men bij het koopen van juweelen hier zeer naaukeurig naar zien. Sommige steenen – zoo als bijv. de smaragden – zijn nooit geheel zonder fout; bij anderen, zoo als de robijnen, worden slechts zelden volkomen gave exem-plaren gevonden, terwijl nog anderen, zoo als de saffier meestal geheel zuiver en zonder fout zijn. Van donkerkleurige steenen, de granaten bijv. kan men de fouten zelden verbergen, en bij ondoorschijnende, zoo als de turkooizen, is het slechts de vraag of de oppervlakte zuiver is; wat daar achter zit, is volstrekt van geen belang.

Edele steenen worden ook zeer veel vervalscht. Wij denken hier echter niet aan het vervangen van kostbare steenen door andere van minder waarde, zoo als een topaas in plaats van een’ diamant, noch ook aan navolging in glas, doch aan dat- gene wat men verdubbeling noemt. Deze bewerking geschiedt door het aan elkander vastmaken van twee steenen, waarin men deze volgorde opmerkt.

10. Half-echte steenen. Deze maakt men door op den bodem der kas een’ echten steen te plaatsen, terwijl het overige uit