De Gracieuse 1863 | Page 122

114 OVER EDELGESTEENTEN.

een’ diamant bedekt. De dame liet hem er uit nemen en zond hem den gever terug. De prins, die zich hierdoor niet uit het veld liet slaan, liet den steen tot poeder stampen, waarmeê hij den brief bestrooide dien hij haar over deze zaak schreef, in plaats van gewoon zand te gebruiken. Toch was Engeland nog ten achteren in weelde; de Hertog van Buckingham, de lie- veling van JAKOBUS I, bezat een hofgewaad, dat 80,000 pond waarde had, door de diamanten welke er zeer los op vaste ge-hecht werden. met het doel dat zij er af zouden vallen om door de hofdames opgeraapt te worden. Frankrijk was echter de voornaamste juweelkist van dat tijdperk, en de hoffeesten ver-schaften gelegenheid tot het ten toon spreiden van de meest kwistige weelde en pracht. Gouden en zilveren kleederen, ge-boord met edele steenen en kostbare kant, konden niet langer aan al de buitensporigheden der hovelingen voldoen, en de stof waarvan het kleed gemaakt was, verdween onder het gouden borduursel, het email en de edele steenen die het overal be-dekten. Wij houden ons verzekerd, dat de dames ter wier eere deze feesten gegeven werden, zich alle mogelijke moeite gaven om de heeren in sierlijkheid en nieuwe uitvindingen te over-treffen. Zoo worden ons de aigrettes of vederbossen met juwee-len bestrooid, die zij tot kapsels gebruiken, als wonderen van smaak en dus tevens van groote kosten, beschreven. Behalve de reeds bestaande diamanten oorringen, armbanden, halssnoe-ren, gespen en aigrettes, werden ook nog diamanten borstplaten ingevoerd. ANNA VAN OOSTENRIJK droeg behalve deze kostbaar-heden, een’ met diamanten bezetten gordel en diamanten schou-derstukken. Deze laatsten zijn, zoo als onze lezeressen zich her-inneren zullen, de aanleidende oorzaak geweest tot het verhaal van Dumas, getiteld: “Les trois Mousquetaires.”

LODEWIJK XIV gaf het voorbeeld tot die overdrevene pracht; hij werd gretig nagevolgd, en zijne hovelingen waren er even-zeer op gesteld zich in dit opzigt te onderscheiden als de dames. De ridderzwaarden, hoedenstrikken, ringen, schoengespen, de knoopen der vesten, alles in één woord was met edele steenen versierd. Op een feest dat door den jeugdigen monarch gegeven werd ter eere van Mademoiselle DE VALLIÈRE, trad de koning