86 EENE DUITSCHE EN EENE FRANSCHE.
houden dan datgene waarop zij staren. De Duitsche zegt ja of neen, terwijl men bij eene Fransche doorgaans niet weet wat zij geantwoord heeft. De Duitsche wacht naar haren geliefde tien jaren, de Fransche naar de haren tien minuten. De Fran- sche is geestig, de Duitsche goedhartig. De Duitsche bezit grondige kennis zonder er over te spreken, de Fransche praat over alles maar weet van niets. De Fransche heeft vernuft, de Duitsche gevoel. De Duitsche is tevreden met het welgevallen van een enkele, de Fransche hunkert naar de bewondering van de geheelde wereld. Der Duitsche is haar huis hare wereld, der Fransche slecht de wereld een thuis. De Fransche is eene kunstenares, de Duitsche eene vrouw.
De musch.
De musch behoort tot de meest belangwekkende vogels van de familie der vinken of Fringillidae, die de meeste zangvo- gels onder hare leden telt, en vooral zoo belangrijk zijn om- dat zij voorzeker van alle vogels het meest in de omgeving van den mensch leven. Vooral is dit het geval met de musch. Zij leeft in grooten getale in Europa en het noorden van Afrika, op de vlakten van Indie en in de dalen van den Hi- malaya; overal is zij de gezellin van den mensch, en overal is zij de eenige vogel die in elk jaargetijde zich bij de wo- ningen van den mensch ophoudt. De musch vertoont een merk-waardig mengsel van tegenstrijdige hoedanigheden. Zindelijk is zij op haar eenvoudig bruin gewaad, telkens ziet men haar zit- ten hare vederen te schikken, en zooveel mogelijk maakt zij gebruik van kleine waterplassen om zich te baden, of scharrelt in het drooge warme zand om het stof of de vochtigheid van hare vederen te verwijderen. Verder is zij van nature tot stelen, vechten en gulzigheid geneigd. Zij eet van alles wat zij maar krijgen kan, en als er geen graankorrels te vinden zijn, vergenoegt zij zich met wat zij op een mesthoop vindt. Als het voedsel schaars is, stelt zij zich met een schralen maaltijd te-vreden, maar komt zij eens in een land van belofte, op eene