170 LADY JANE GRAY.
schuld des vaders bragt haar op het schavot; want de opstand was naauwelijks bedwongen of MARIA sprak over GUILFORD DUDLEY en lady JANE GRAY het doodvonnis uit.
Lady JANE was vroom van gemoed: eenvoudig en kalm schreef zij hare laatste brieven, verdedigde haar geloof tegen de pogin-gen tot bekeering die eenige roomsche geestelijken in het werk stelden en bereidde zich voor tot den dood.
GUILFORD zou het eerst sterven. Hij wenschte afscheid van haar te nemen. Lady JANE weigerde zulks. Zij was bevreesd daardoor den moed te zullen verliezen. Binnen weinige uren zouden zij elkander in den hemel wederzien, liet zij aan haren echtgenoot zeggen en slechts toen hij voorbij het venster van harer kerker geleid werd, kon zij niet nalaten hem een vaarwel toe te wenken. Daarna zag zij het in een laken gewikkelde lijk terugbrengen, vernam met hoeveel geestkracht haar man gestor-ven was en bereidde zich, krachtig als hij, ter dood.
Hare jonkvrouwelijke bevalligheid bleef haar ook in haar laat-ste uur bij. eene oude beschrijving van haren dood in de En-gelsche taal verhaalt, dat zij de toeschouwers with a char- ming air of modesty – met eene bevallige uitdrukking van zedigheid – om hunne voorbede verzocht en geen woorden kunnen beter uitdrukken op welk eene liefelijke wijze zij van de wereld afscheid nam. Toen zij haar vertrouwen op de genade van CHRISTUS uitgesproken en een psalm gebeden had, liet zij zich door hare vrouwen ontkleeden en zeide tegen den scherp-regter: “Ik verzoek u het kort met mij te maken.” Toen bond zij zich zelve een doek voor de oogen, stapte naar het blok en vroeg: waar is het? wat moet ik doen? Toen zij er heengeleid en nedergeknield was, sprak zij diep uit het hart: “Heer, in uwe handen beveel ik mijnen geest.” In het volgende oogenblik had één enkele slag haar schoon hoofd van het ligchaam ge-scheiden.
Zij werd op den 12den Februarij 1554 ter dood gebragt. Op den 23sten van dezelfde maand onderging haar vader en na hem zijn broeder lord THOMAS GRAY de doodstraf. De hertogin van SUFFOLK verviel tot de grootste armoede en moest eens, toen