130 DE DRIE VRIENDEN.
beste met hem meende. Eens werd hij voor de regtbank ge- daagd, waar hij hevig, hoewel onschuldig, aangeklaagd was. “Wie uwer,” sprak hij, “wil met mij gaan en voor mij getui- gen? want ik ben heftig aangevallen, en de koning is vertoornd.” De eerste zijner vrienden verontschuldigde zich al dadelijk, daar hij om andere bezigheden niet met hem gaan kon. De tweede verzelde hem tot aan de deur van het raadhuis; toen keerde hij terug uit vrees voor den toornigen regter. De derde, op wien hij het minst gesteund had, ging binnen, sprak voor hem en betuigde zoo welsprekend zijne onschuld, dat de regter hem vrijsprak en zelfs schadeloos stelde.
Drie vrienden heeft de mensch op deze wereld. hoe gedragen zij zich, als God hem voor het gerigt roept?
Het geld, zijn beste vriend, verlaat hem het eerste en gaat niet met hem. Zijne bloedverwanten en vrienden vergezellen hem tot aan de deur van het graf, en keeren terug in hunne woningen. De derde, dien hij bij zijn leven dikwijls het minste achtte, zijn zijne goede werken. Deze alleen geleiden hem tot vóór den troon des regters; zij gaan voor hem uit, spreken voor hem en vinden barmhartigheid en genade.
(Naar HERDER.)
HUISHOUDEN EN KEUKEN.
In het jagtsaisoen zal het wel niet ongevallig wezen een nieuw recept te zien, voor het bereiden van een haas, te meer als daarbij het welslagen en leveren van een uitmuntend fijnen schotel wordt gewaarborgd.
Haas au bain-Marie. Benoodigdheden. – Een haas, an- derhalf pond ossenvleesch, een half pon boter, ééne ui, één citroen, zes kruidnagels, cayenne peper en zout naar goedvin- den en een halve kan portwijn.
Bereiding. – De haas, na goed gewasschen en gereinigd te zijn, wordt in stukken gesneden, deze in meel gewenteld en ge-braden in kokende boter. Heb dan gereed anderhalve kan bouil-