Digital publication | Page 52

Amsterdam, 21 Februari 2026.

De stad is een sprookje armer. Met het overlijden van Robert Antony verliest Amsterdam een van haar meest fonkelende verschijningen. Voor velen was hij één helft van de iconische Gebroeders Grimm. Een levende legende in glitter en fluweel. Maar bovenal was hij een man die de hoofdstad liet schitteren, simpelweg door er te zijn.

Samen met zijn partner Thom vormde hij een onafscheidelijk duo. Twee mannen, altijd hand in hand, gehuld in weelderige kostuums vol steentjes, kant, goudbrokaat en theatrale hoofdtooien. Waar zij verschenen, veranderde de sfeer. Straten werden podia. Entrees werden momenten. Avonden werden herinneringen.

Ze waren de glinsterende portiers van de stad. Levende ornamenten met klasse. Geen feestelijke opening, cultureel gala, Pride-moment of première voelde compleet zonder hun statige aanwezigheid bij de deur. Ze verwelkomden, omarmden, poseerden, luisterden. Hun verschijning was extravagant, hun blik warm.

Amsterdam kende hen als paradijsvogels, maar ook als verbinders. Ze stonden bij hoogtepunten, bij vieringen, bij historische momenten. En toen de stad afscheid nam van haar geliefde burgemeester Eberhard van der Laan, waren zij daar op zijn uitdrukkelijke verzoek. Eerbiedig bij zijn kist.

Dat beeld blijft hangen. Twee mannen in glinsterend vol ornaat. Buigend. Glimlachend.

Mensen verbindend in een moment van collectief verdriet. Het was een tafereel dat alles samenvatte: schoonheid in dienst van troost. Theatraliteit met een hart.

Robert Antony begreep als geen ander dat zichtbaarheid ook verantwoordelijkheid betekent. Zijn flamboyante verschijning was nooit alleen esthetiek; het was een statement van vrijheid, van liefde, van jezelf durven zijn. Samen met Thom schreef hij een modern sprookje, niet in boeken, maar in het straatbeeld van Amsterdam.

Nu is één helft van dat sprookje weggevallen.

“Het sprookje is ten einde,” zei Thom.