Digital publication | Page 35

Zo werd het, tegen mijn verwachtingen in, een prachtig jaar. Ik leerde dat niet mijn smaak bepalend moest zijn. Dat ik met mijn leerlingen op zoek moest gaan naar repertoire dat niet alleen goed was, maar dat bij hén hoorde. Bij hun persoonlijkheid. Hun verlangen.

Benny Neyman, wiens smaak me aanvankelijk zo tegenstond werd intussen zeer succesvol. Kort na zijn eindexamen verscheen zijn eerste plaat: Ik wilde als Orpheus zingen, een lied van Reinhard Mey, door hemzelf vertaald.

Nu zat hij, jaren later, tegenover me in het restaurant van het Hilton Amsterdam. Ik stelde hem dezelfde vraag als toen: “Wat wil je worden?” “Yves Montand,” zei hij. “De Nederlandse Yves Montand. Maar dat laten ze niet toe.”

Ze wilden dat hij een Duits georiënteerde schlagerzanger bleef. Dat hij zijn publiek (het bloemetjesjurkenpubliek) niet van zich vervreemdde. Handjes in de hoogte, ik wil handjes zien.

“Ik haat het, Jacques,” zei hij. “Ik wil weg van de braderieën, van het gehos en het meezingen. Ik sta straks in Koninklijk Theater Carré met repertoire waar ik op uitgekeken ben, voor een publiek dat alleen maar hetzelfde wil horen.” Als hij iets anders probeerde, werd hij tegengewerkt door zijn platenmaatschappij, zijn manager, de uitgever, zelfs zijn orkestleider. Alles duwde hem terug naar de schlagerkant.

“Ik ben veranderd,” zei hij. “Ik wil chansons. Mooie, literaire liedjes. Ik heb geleefd, gelezen, ik kan ze schrijven, of laten schrijven. Mensen als Willem Wilmink wil ik om me heen. Maar ze lachen me uit.” Daar zat hij: een artiest die geen eigenaar meer was van zijn eigen carrière. Zijn smaak en zijn verlangen telden niet. De mensen om hem heen dachten commercieel en bewaakten wat ze hadden, veilig in hun Gooise villa’s.

BENNY WILDE RISICO NEMEN. ZIJ NIET

Het was, vreemd genoeg, een prettige lunch. Door mijn vragen zag hij zijn situatie scherper. Misschien heb ik hem nog iets zinnigs meegegeven. Maar ik liep somber naar huis. Aan de overkant van het water lagen de villa’s. Daar had in de oorlog Willy Lages gewoond, hoofd van de Sicherheitspolizei. Een vrouw kwam me tegemoet, voortgetrokken door twee gevlekte honden.

Ich wollte wie ein Orpheus singen…Hij wist niet hoe.

Benny zou het moeten opnemen tegen zijn eigen mensen. Verandering eisen. Desnoods breken en opnieuw beginnen.

Maar was hij sterk genoeg? Had hij dat in zich?