15
Sientje Swartjes: kind van de Brinkhof
tv D alfsen.nl
Eén van de bekendste vrouwen in
Dalfsen is Sientje Swartjes-Lenferink. Opgegroeid in het dorpscafé
leerde ze al snel veel mensen kennen. Later heeft ze 24 jaar in de gemeenteraad gezeten en van daaruit
ook tal van mensen en ontwikkelingen van dichtbij meegemaakt. In
het programma ‘Praten met Dalfsen’ op internet vertelt ze honderduit over haar leven sinds 1940.
Vader en moeder Lenferink hadden
café De Brinkhof in de Wilhelminastraat in Dalfsen. Ze woonden ernaast en kregen zeven kinderen, één
meisje en zes jongens. Het pand is
in grote lijnen nog steeds hetzelfde
en nog steeds is er de bistro met
de naam Brinkhof. De moeder van
Sientje heette Brinkhof, vandaar de
naam. Er was ook een oom die slagerij Brinkhof runde. Haar vader kwam
uit Vasse in Twente. Behalve een café
hadden ze ook een boerderij en was
vader veehandelaar.
Bevrijdingsfeest in het café
Van de Tweede Wereldoorlog weet
Sientje alleen nog dat het café tijdens
de bevrijding helemaal vol was met
feestende mensen. “Ik was nog maar
5 en ik weet het nog zó goed! Het
was geweldig, de mensen waren heel
blij en ik was ook heel blij.”
De familie moesten café en woning
tijdens de oorlog verlaten omdat de
bezetters het gevorderd hadden en
TV Dalfsen verzamelt alle video’s uit de gemeente Dalfsen op www.tvdalfsen.nl en
maakt zelf interviews met
markante figuren en ondernemers. U kunt de programma’s ook op TV bekijken, dat
wordt uitgelegd op de website.
gehaktballen. Elk weekend maakte
ze er wel 100. Ze legt even uit wat
er allemaal in een goede gehaktbal
zit. Kerrie, nootmuskaat, uien en nog
veel meer. “Wat heel leuk is, is dat
ik met mijn oudste dochter nu een
kookboek maak. Via de Ijsselacademie krijgen we ondersteuning, waarbij ik voor de oude recepten zorg en
Arlette voor de moderne recepten.
Binnenkort komt het in druk.”
er een soort hoofdkwartier vestigden.
Sientje was met broertje Bennie en
haar ouders opgevangen bij de familie Braam. De andere kinderen werden verdeeld over andere gezinnen
als Verhoeven en Hilgenkamp.
De familie Feijen waren buren, die
hadden destijds ook al een maalderij.
Later verhuisden ze naar de plek waar
nu nog steeds het veevoederbedrijf
Feijen staat aan de Rondweg. Buren
Van Hulzen waren een bakkersgezin.
Daar was Sientje heel veel. Sientje zat
Column: Uit Hei en Dennen
op de katholieke school bij de nonnen, onder meer zuster De Wolff.
“Soms op vrijdagmorgen kwam mijn
moeder op school of ik de klas uit
kon omdat ik dan met de trein naar
Zwolle moest om een koe-schets naar
papa te brengen. Die was hij dan vergeten en moest hij dan zo snel mogelijk hebben. Ik bracht die dan naar
Zwolle.”
Toen Sientje 20 werd, overleed haar
moeder. Sientje werd toen automatisch de vrouw in huis en in het
café. “Gelukkig mocht ik toen toch
nog naar de avondschool. Mijn vader
ging daarom van het koor af zodat ik
naar school kon. Het café was heel
fijn toen. Mensen kwamen veel meer
in het café dan nu. Overdag kwamen
er boeren en allerlei andere mensen
even een borreltje drinken. Vroeger
was het café wat nu de Trefkoele is,
een echte ontmoetingsplek.”
Honderden gehaktballen
Sientje was ook beroemd om haar
In Broekland heeft Sientje haar man
Frans ‘opgehaald’. “Ik kende Frans
al via via, maar hij had al verkering.
Maar toen ik hoorde dat dat uit was,
ben ik bewust uitgegaan naar Broekland en is ’t wat geworden tussen.”
Meer verhalen van Sientje, over oud
Dalfsen, kinderen en kleinkinderen,
de familie Lenferink, de gemeenteraad, het parochiehuis, Belcanto
en nog veel meer vind je op www.
tvdalfsen.nl onder het kopje Praten
met Dalfsen.
De Verhalenkoerier:
PAMPEREN
Mijn generatie, opgegroeid in de jaren 1945-65
heeft de magere naoorlogse jaren beleefd.
Voor veel aankopen moest worden gespaard, kleding werd versteld en gedragen door de
jongere kinderen. Het was vanzelfsprekend dat je
je handen liet wapperen in het huishouden, boodschappen doen, op je broertjes en zusjes passen en
al die andere karweitjes die je moest opknappen.
We liepen en fietsten door weer en wind naar
school en werk.
We trouwden, werkten beiden en stichtten daarna een gezin.
Mijn kinderen zijn in 1975 en 1977 geboren.
Toen ik er alleen voor stond en een zwaar beroep had, probeerde ik dat
bij de kinderen te compenseren door mooie kleding te kopen, ze aan alle
sporten te laten meedoen en ze van en naar school te laten brengen.
Ze konden krijgen wat ze wensten.
Ze studeerden en kregen vriendjes, gingen ergens wonen en vonden banen.
Ik had ze op hun hart gedrukt, dat ze me zouden raadplegen als er moeilijkheden kwamen. En kwamen die er? Heel vaak. En zei ik dan “ik help
je waar ik kan, maar je moet het zelf doen”.
Nee hoor, mijn organisatiedrift kwam dan in de derde versnelling, de portemonnee ging open en alles werd zo geregeld dat ze weer verder konden.
Ja, vonden ze fijn, ik ook, want ik kon doen wat mijn ouders niet deden.
Ook al hadden ze daar alle middelen voor.
Zo vergingen er heel veel jaren van steun, toeverlaat, zorgen en weer vertrouwen in de toekomst. Ik gaf ze geen enkele gelegenheid te moeten roeien
met de riemen die ze hadden. Verhuizen, andere auto, troosten bij ongemak, kom maar bij mama, mama helpt je.
Nu, eindelijk, begrijp ik, dat ik ze helemaal niet hielp. Ze kregen niet eens
de kans zelfstandigheid te tonen. Daar was ik al, “stil maar lieverd, ik
help je, dat weet je toch!” Ze kregen beiden een p