2. HET STUDIEGELD
Samenstelling van het studiegeld
Bedrag van het studiegeld
Het studiegeld dat je betaalt wordt elk jaar vastgelegd door de Vlaamse overheid en is gelijk voor alle hogescholen en universiteiten in Vlaanderen.
Dit studiegeld is steeds samengesteld uit:
• een vast gedeelte: dat moet iedereen betalen, los van de omvang van je eigen studieprogramma
• een variabel gedeelte: dit bedrag kan wel hoger of lager zijn, afhankelijk van de grootte van je studieprogramma( hoeveel studiepunten je opneemt)
Het juiste bedrag is daarnaast ook nog eens afhankelijk van je statuut als student. In de praktijk zijn er voor het studiegeld drie categorieën van studenten:
• beurstariefstudenten: je bent beurstariefstudent als je een studietoelage toegekend hebt gekregen van de Vlaamse overheid. Je betaalt dan enkel het vast gedeelte( aan een verlaagd tarief). Hogeschool PXL voorziet een gelijkaardig statuut voor studenten die wel voldoen aan de financiële criteria, maar die niet voldoen aan de pedagogische voorwaarden( zie ook pagina 30)
• bijna-beurstariefstudenten: bijna-beurstariefstudenten hebben geen studietoelage toegekend gekregen door de Vlaamse overheid omdat het aangegeven inkomen( bv. van de ouders) nipt te hoog was. Je kan aanspraak maken op het statuut van bijna-beurstariefstudent als het aangegeven inkomen max. € 3.984( bedrag 2025-2026) boven de maximumgrens ligt om een studietoelage te krijgen. Bijna-beurstariefstudenten krijgen een stukje korting op het studiegeld.
• niet-beurstariefstudenten: niet-beurstariefstudenten hebben geen recht op een studietoelage( of hebben nagelaten om dit aan te vragen). Zij betalen het volledige studiegeld.
Als je weet tot welke categorie jij behoort, kan je op deze pagina ontdekken hoeveel studiegeld je zal moeten betalen.
HET VAST GEDEELTE
De prijs van het vast gedeelte is:
• Voor beurstariefstudenten: 139,40 euro
• Voor bijna-beurstariefstudenten en niet-beurstariefstudenten: 305,40 euro
HET VARIABELE GEDEELTE
De prijs van het variabele gedeelte is:
• Voor beurstariefstudenten: geen variabel gedeelte te betalen
• Voor bijna-beurstariefstudenten: 5,30 euro per opgenomen studiepunt in het studieprogramma
• Voor niet-beurstariefstudenten: 14,60 euro per opgenomen studiepunt in het studieprogramma
Je studiegeld is met andere woorden een optelsom van het vast en variabel gedeelte. Een aantal voorbeelden om dit te illustreren:
• Ben schrijft zich in voor de bachelor leraar secundair onderwijs. Hij neemt 60 studiepunten op en is een niet-beurstariefstudent. Hij betaalt voor het:
• vast gedeelte: 305,40 euro
• variabel gedeelte: 14,60 euro x 60 studiepunten = 876 euro. Samengeteld zal hij een studiegeld van 1.181,40 euro betalen.
• Anne schrijft zich in voor het graduaat in het bouwkundig tekenen. Ze is een beurstariefstudent en heeft een studieprogramma van 60 studiepunten. Zij betaalt voor het:
• vast gedeelte: 139,40 euro
• variabel gedeelte: niets Samengeteld zal zij een studiegeld van 139,40 euro betalen.
• Steven schrijft zich in voor de bachelor in het sociaal werk. Hij is een bijna-beurstariefstudent. Hij neemt een studieprogramma van 60 studiepunten. Hij betaalt voor het:
• Vast gedeelte: 305,40 euro
• Variabel gedeelte: 5,30 euro x 60 studiepunten = 318 euro Samengeteld zal hij een studiegeld van 623,40 euro betalen.
LET OP! We kunnen je studiegeld pas aanpassen naar beurstarief of bijna-beurstarief na goedkeuring van je studietoelage van het betreffende academiejaar of na akkoord tot vermindering via een berekening van de sociale dienst. Check pagina 30.
LET OP! Deze bedragen zijn geldig voor EER-studenten èn enkel voor diploma- en of creditcontracten. Er zijn andere tarieven van toepassing voor Niet-EER studenten en voor examencontracten waarbij je de lessen niet mag meevolgen, maar enkel examens meedoet.
Deze tarieven kan je nalezen in bijlage 4 van het OER of opvragen bij studiegelden @ pxl. be.
28 | 2026- 2027