Programmaboekje | Page 9

9 Interview Het spel van starter Jan Kleef P ETTEN- ,,Het geeft een kick om te zorgen voor de start. Waar laat je de coureurs los? Het is een spel. De één is wel alert en de ander niet.” Aan het woord is Jan Kleef (57). De Pettemer is sinds zes seizoenen verantwoordelijk voor de start en was daarvoor twintig jaar lang vlagger in bocht drie. Samen met de baancommissarissen Piet Koning, Jurgen Koomen, Peter Stofberg en Anne Osinga is Jan Kleef verantwoordelijk voor het goed en veilig laten verlopen van de cross. Een ploeg met jarenlange ervaring en die weet wat er komt kijken op een crossdag. ,,De autocross is een virus. De sensatie, het geluid en de entourage zijn prachtig maar prioriteit nummer één is de veiligheid. Door de jaren heen zijn wij als ploeg gegroeid en mag ik zeggen dat we een superteam hebben.” Het ‘autocrossvirus’ drong al op jonge leeftijd het lichaam van Kleef binnen. Via loonbedrijf Van ’t Westeinde uit Wieringerwaard werd hij gevraagd om als monteur van Jaap van ’t Westeinde en Hans, Albert en Cor van Zoolingen mee te gaan naar wedstrijden. Na vier jaar lang als reparateur actief te zijn geweest stapte hij zelf in de auto, in de rodeoklasse. Zijn debuut in de stockcar had hij bij een afvalrace in Wieringerwaard toen al gemaakt. ,,In het begin zat je te shaken in je auto. Ik weet nog goed dat ik Sjaak Valk – een grote naam in die tijd – vol van achteren raakte. Hij kwaad. Wat denk je? Twee ronden later word ik vol van achteren aangereden. Was het Sjaak die even zijn gram kwamen halen.” Pontiac ,,Met Arie Wit had ik een wereldmonteur. Hij deed ook alles met zijn oor. Ik reed jarenlang met een Renault 30 in het rond. Op een gegeven moment werd ik klem gereden en was alles krom van voren. De auto had ik thuis gezet en vanwege het warme weer de olie er vast uit gehaald. Ik zei nog tegen mijn vrouw: ‘Geef even aan Arie door dat de olie eruit is’. Alleen dat vergat ze door te geven met als gevolg een grote knal en een kapotte motor. Twee dagen voor de cross. Uiteindelijk heb ik een Pontiac weten te bemachtigen. Haha, dat was een sloper. In mijn laatste crossjaar heb ik iedereen zitten te narren die mij in het verleden had dwars gezeten. Ik wist precies wie er aan de beurt waren. Ja, dat was een mooi einde. Nadat mijn dochter geboren was ben ik gestopt. Vanwege een te kort aan baancommissarissen ben ik direct gaan vlaggen in bocht drie.” Een weekend waar de eigenaar van het gelijknamige bouw- en onderhoudsbedrijf uit Petten met een grote glimlach op terugkijkt, was het uitje naar Engeland, in het midden van de jaren negentig. Samen met Klamer Alferink, Carl Gomes, Jan Groenland en Pieter Nierop stond een trip naar het speedweekend in Skegness op het programma. Het gezelschap reisde met een Mercedes-busje van Gomes – type VIP-uitvoering – naar Engeland. Onderweg een potje kaarten en de koelkast leegdrinken. Kleef: ,,Dat was een weekend, nou nou… We sliepen bij wereldtopper Brian Gilbank thuis. Ongelofelijk, die werd nergens heet of koud van. De cross was ook spectaculair. Een hele happening.”