K
arina
Karina is chemisch technoloog, getrouwd en moeder van twee prachtige kinderen:
een zoon van 6 en een dochter van 1. Karina oefent elke dag in bewust ouderschap.
Mond dicht!
Ik denk dat we allemaal wel van die
momenten hebben dat we onze gudu wel
“achter het behang kunnen plakken”,
zoals ze dat in Nederland zeggen. Hier in
Su is helaas geen behang, dus wij moeten
het op een andere manier zien op te
lossen. Daar had ik het laatst over met
een lieve moeder. Zij zei tegen mij iets
van: “Ja, en op zulke momenten dan doe
ik altijd XXX, omdat ik weet dat ik haar
daar echt mee kan pakken. ”Wat ze nou
precies deed weet ik niet meer (vandaar
de XXX), maar het venijn waarmee het
werd gezegd raakte me diep. Voor ik het
wist flapte ik eruit: “En hoe mooi zou het
zijn als je zulke momenten in liefde kon
oplossen?” Deze discussie bleef me maar
bij in de dagen erna. Ik wilde zo graag
tools bedenken om deze lieve mama te
helpen een liefdevollere weg in te slaan.
Gaandeweg realiseerde ik me echter dat
ik ook niet altijd zo liefdevol ben in de
omgang met mijn kinderen. Vooral op die
momenten dat ik behang wil gaan kopen
om ze achter te plakken.....
Ondertussen was ik voor mijn studie
begonnen een zelfreflectie boekje bij te
houden. Daarin noteer ik alle momenten
waarbij ik heftige emoties ervaar. Ik
schrijf dan op wat er gebeurde en wat ik
op dat moment voelde. Hierdoor kwam
ik erachter dat ik voor mijn dochter veel
meer open kon staan dan voor mijn zoon.
Dat kwam voor mij als een schok, want ik
hou zielsveel van allebei en ik dacht dat ik
geen onderscheid maakte. Onbewust deed
ik dat dus wel.
64
KidzTori
De afstand die ik soms voel richting mijn
zoon gaat gepaard met gevoelens van
irritatie en boosheid. Ik oefen nu met
deze gevoelens te accepteren door ze in
mezelf te benoemen op het moment dat
het gebeurt. Ik zeg dan in mezelf: Ik voel
irritatie, of: Ik voel boosheid. Hierdoor
kan ik deze gevoelens wat meer op
afstand bekijken in plaats van er midden
in te gaan zitten. Dit maakt weer dat ik
steeds vaker kies voor een liefdevollere
oplossing dan het zomaar uiten van die
irritatie of boosheid.
Twee van die oplossingen werken bij mij
heel goed. De eerste is: mond dicht als
ik iets lelijks wil zeggen. Bijvoorbeeld:
ik wil zeggen dat hij boven zijn bord
moet eten (omdat ik me erger aan de
kruimels op de grond), maar in plaats
daarvan zeg ik tegen mezelf: Mond
dicht, Karina! Ik moet zeggen dat het
eerst vreemd aanvoelde. Ik moest me
echt inhouden, maar gaandeweg gaat het
steeds makkelijker. De tweede oplossing
is tijdens de mond-dicht tijd iets zoeken
dat op dat moment wel goed gaat en daar
dan iets over zeggen. Bijvoorbeeld:”Wat
zit je lekker te eten!” of “Wat heb je goed
je brood gesmeerd.” Of gewoon even
over zijn hoofd aaien als ik langsloop.
Wat me hierbij opviel is dat al die dingen
die ik uit irritatie steeds wilde zeggen
vaak een paar seconden later gewoon
gebeuren, juist als ik mijn mond erover
hou! En het mijn aandacht terugbrengen
naar wat wel goed gaat op dat moment,
maakt dat mijn irritatie minder wordt.
Dus, ik ben op de goede weg!