2de toer. Witte wol. 1 vaste steek op den eersten vasten steek van den vo-rigen toer; * 1 vaste steek in de ope-ning van de kettingsteek van den voor-gaanden toer; 1 kettingsteek, * herhaal van * tot *, en werk de steken aan den hals stijver.
3de toer. Grijze wol. Als den twee-den toer.
4de toer. Witte wol. Als den twee-den toer.
5de toer. Grijze wol. 1 vaste steek op den eersten kettingsteek van den eer-sten toer; 1 vaste steek op den eersten vasten steek, van den eersten toer van den rand; 1 vaste steek, op den eer- sten vasten steek van den tweeden toer; 1 vaste steek op den eersten vasten steek van den derden toer; 1 vaste steek op den eersten kettingsteek van den vier-den toer; * 1 kettingsteek; 1 vaste steek in de volgende kettingsteek, * herhaal van
Roode en witte sephir wol, 2 houten breinaalden No. 20.
Deze deken wordt geheel met de pa-tentsteek gebreid.
De patentsteek is door 3 steken deel-baar. Men werkt deze steek aldus: om-slaan, averegts afhalen, en dan regts minderen; men zij bij het werken hier-van opmerkzaam, dat men altijd bij het breijen van elke naald, de steek die men den vorigen toer heeft geminderd, dan moet afhalen en de volgende steek met de lus te zamen moet worden gebreid.
* tot *, daar de punten aan beide kan-ten hetzelfde moeten wezen, eindigt men den toer zoo als men begonnen is.
De doek is nu afgehaakt, en omge-ven van een grijzen rand.
Hecht twee groote knoopen van bo-ven aan de doek aan de linkerzijde, en maak twee lussen aan de regterzijde, om mede vast te maken.
Er blijft nu nog over om er een franje aan te maken; hiervoor knipt men van de grenaat wol de draden op de lengte van 50 duim af, steek twee van die draden in een naald, steek de naald in de eerste kettingsteek van den eersten toer; haal de naald uit de draden, maak de beide draden gelijk, zoodat men nu de vier einden van de draden bij elkaar heeft, en leg dan eenen knoop vlak te-gen den steek aan. Vervolg zoo den ge-heelen toer in elke opening van de ket-tingsteken.
Men zet voor dezen deken 60 steken met de witte wol op, en breid 6 naal-den met de patentsteek.
Rood. 4 naalden. – Wit. 4 naalden.
Rood. 4 naalden. – Wit. 80 naalden.
Rood 4 naalden. – Wit. 4 naalden.
Rood 4 naalden. – Wit. 6 naalden.
Waarna men het afkant.
Bij het afkanten breidt men telkens de lus met den steek te zamen, daar het werk, wanneer de steek en de lus elk afzonderlijk gebreid worden, van boven zoude lubberen.
84 HANDWERKEN EN MODES.
WIEGEDEKEN VOOR EENE POP.
(Breiwerk.)