De Gracieuse 1862 | Page 314

minderen, omslaan, 4 regt, omslaan, minderen, omslaan, 2 regt, 4 maal omslaan, minderen.

6de toer. 2 regt, 1 averegts, 1 regt, 1 averegts, 3 regt, 8 averegts, 2 regt.

7de toer. Een steek afhalen, minde-

Vier nuances paarsche wol en eene beenen haaknaald No. 14.

Men zet 51 kettingsteken met de lichtste nuance op.

1ste toer. 1 kettingsteek, in den twee-den steek 3 stokjes in ééne steek ge-stoken. Herhaal dit nog 12 maal. Dan 1 kettingsteek, in denzelfden steek nog 3 stokjes gestoken; vervolgens weder 12 maal 1 kettingsteek, in den tweeden steek 3 stokjes in éénen steek gestoken. Men moet bij het beginnen van elken toer 3 kettingsteken in plaats van 1 kettingsteek werken, daar de kanten anders trekken.

2de toer. Men werkt 14 maal 1 ket-tingsteek, in den vierden steek 3 stokjes in éénen steek gestoken (de vierden steek is de kettingsteek welke zich tusschen de stokjes bevindt), dan 1 kettingsteek, 3 stokjes in denzelfden steek gestoken; vervolgens weder 13 maal 1 ketting-

ren, omslaan, 4 regt, minderen, om-slaan, 1 regt, omslaan, 8 regt.

8ste toer. 8 steken afkanten, 8 ave-regts, 2 regt.

Men herhaalt van den eersten toer af.

steek, 3 stokjes in den volgenden 13 kettingsteken gestoken.

Zoo vervolgt men de geheele pelerine totdat zij de verlangde grootte heeft. Daar de meerdering in het midden geschiedt, moet men dáár altijd 3 stokjes, 1 ketting-steek en 3 stokjes in éénen steek wer-ken, waardoor men bij iederen toer tel-kens aan beide kanten 1 kettingsteek en 3 stokjes meer verkrijgt.

Met elk der vier nuances werkt men 6 toeren, zoodat het geheel uit 24 toeren bestaat, en den laatsten toer 35 maal 1 kettingsteek en 3 stokjes aan elken kant heeft.

Dit verrigt zijnde werkt men van voren en aan den hals een toer vaste steken; doch men zorge vooral dat de kanten noch de hals trekt of te ruim wordt. Vervolgens knoopt men er van onderen een franje aan, welker lengte men naar goedvinden maken kan.

26 HANDWERKEN EN MODES.

DAMES PELERINE.

(Haakwerk).