25 jaar Fietsroutenetwerk Limburg 25 tips voor 25 jaar fietsroutenetwerk | Page 94
24. INSPIRATIE
OP WERELDREIS
MET MIKAEL
uwkundige & designer
Stedenbo
“Ik omschrijf mezelf nog het
liefst als een ongeduldige idealist.
Ik wil verandering zien, nu.
Geen excuses.”
INSPIRATIE
Men noemt hem wel eens
de fietspaus, de rockster
van het urbanisme of zelfs
de Tom Cruise van urban
cycling … De Kopenhagense
stedenbouwkundige en
designer Mikael Colville is
bekend van zijn voormalige
bedrijf Copenhagenize.
Als presentator van The
Life-sized City bestudeert hij
innovatieve stadsprojecten.
Steden fietsvriendelijk maken
ziet hij allerminst als een
mission impossible.
Vanwaar die passie voor
stedelijke fietscultuur?
“Ik ben absoluut geen
fervent fietser die rondracet
in een spandexoutfit.
Ik kan zelfs mijn eigen
band niet plakken (lacht).
Maar om mijn dagelijkse
verplaatsingen te doen,
gebruik ik gewoon graag de
fiets. Dat is nu eenmaal het
meest voor de hand liggende
vervoersmiddel in een
stadscentrum. Al beseft niet
iedereen dat.
Hoe komt dat volgens jou?
“De steden zijn spijtig
genoeg zo geëvolueerd.
Vroeger waren de straten
democratisch. Tot koning
auto opdook. Plots werd
elk stratenplan een puzzel
en moesten ingenieurs
manieren bedenken om
het autobestuurders
gemakkelijker te maken.
Want de auto, dát was
vooruitgang, dát was de
toekomst. En de fietsers en
voetgangers? Die werden
veelal genegeerd. Die
moesten zich maar ergens
tussenwringen. En dat komt
ons nog steeds duur te
staan. Er sterven elk jaar om
en bij de 35.000 mensen in
auto-ongevallen. Dat is toch
niet acceptabel?”
Daar zoek jij dus
oplossingen voor. Hoe pak je
dat aan?
“Met de nodige dosis
realisme. Ik bestudeer het
stratenplan en de routes die
fietsers intuïtief nemen om
zo snel mogelijk van a tot b
te geraken. Als jij een knap,
nieuw kruispunt ontwikkelt
maar niemand gebruikt je
oversteekplaats, dan is dat
niet de fout van de fietsers.
Dan heb je simpelweg je
werk niet goed gedaan. Je
moet vooral weer een stad
op mensenmaat creëren.
De ruimte die de auto’s ooit
kregen, teruggeven aan
de fietsers. Dat is in ieders
voordeel.”
‘Maar dat gaat ons te veel
kosten’, krijg je wellicht
dikwijls te horen. Wat is dan
je reactie?
“Daar lach ik hard om, eerst
en vooral. Nee serieus,
politici die dat denken,
zijn niet goed in wiskunde.
Bereken maar eens hoeveel
je door de fietsvriendelijke
verbeteringen bespaart in de
gezondheidszorg. Of hoeveel
je de milieuvervuiling
terugdringt. Als ik voor
advies gevraagd wordt door
een stad of overheid, leg ik
graag de cijfers voor. Want
uiteindelijk is het ook qua
investering een slim idee.”
“Kijk bijvoorbeeld naar
Kopenhagen. Wij hebben
de afgelopen 10 jaar
286 miljoen euro
geïnvesteerd in
fietsinfrastructuur
zoals fietssnelwegen,
betere verlichting,
reparatiewerkplaatsen,
verbreding van de
fietspaden, enz. Dat
lijkt veel geld, maar niet
als je vergelijkt met de
investeringen voor auto’s.
Onlangs werd hier een
snelweg 3 km verlengd. Dat
kostte maar liefst
280 miljoen euro. En
levert je dat iets op? Nee,
integendeel. Het kost
de stad circa 0,86 euro
per autobestuurder. Elke
fietser brengt de overheid
daarentegen 0,25 euro
op. Daarnaast mag je
de voordelen voor de
handelaars niet vergeten.
Meer fietsers betekent meer
klanten én dus meer winst.
Tot 30% meer zelfs, volgens
statistieken. Geld uitgeven
om je stad fietsvriendelijk
te maken, dat is gewoon
het beste businessmodel
omtrent verkeer in de
geschiedenis.”